Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 4 › Paragraaf 4.9

Artikel 4.9.2

Klachtenprocedure aan boord

Onderdeel van Regeling bemanning zeeschepen· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 juli 2025

1. In een klachtenprocedure als bedoeld in artikel 6 van de wet wordt ten minste opgenomen: bij welke persoon of personen aan boord een klacht kan worden ingediend, waarbij klachten in ieder geval bij de kapitein kunnen worden ingediend; bij welke vertegenwoordiger van de scheepsbeheerder die niet tot de zeevarenden aan boord behoort, een klacht kan worden ingediend; de gegevens als bedoeld in artikel 4.9.3, derde lid, waar een klacht kan worden ingediend; de naam van één of meer vertrouwenspersonen aan boord die zeevarenden onpartijdig kunnen adviseren over het indienen van een klacht en klagers kunnen bijstaan bij het doorlopen van de klachtenprocedure en kan helpen bij het voorkomen van nadelige behandeling vanwege het feit dat diegene een klacht heeft ingediend; en volgens welke procedure een klacht wordt behandeld waarbij leidraad B5.1.5, tweede lid, van het MLC-verdrag in acht wordt genomen. 2. De klachtenprocedure, bedoeld in het eerste lid, stelt geen beperkingen aan het recht van de klager: zich door iemand te laten vergezellen of vertegenwoordigen; om te allen tijde zijn klacht rechtstreeks bij de kapitein of de vertegenwoordiger van de scheepsbeheerder, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, in te dienen; om klachten in te dienen betreffende een vermoedelijke schending van het MLC-verdrag of het C188-verdrag. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet bemanning zeeschepen in werking treedt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel