Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 21

Vaststelling

Onderdeel van Subsidieregeling duurzaam maatschappelijk vastgoed 2025· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 juni 2026

1. De minister stelt een subsidie als bedoeld in artikel 3, onderdeel b, vast nadat de aanvrager een verklaring inzake werkelijke kosten en opbrengsten aan de minister heeft verstrekt. 2. De subsidie, bedoeld in het eerste lid, wordt vastgesteld op een bedrag tot ten hoogste het in de verleningsbeschikking genoemde bedrag. 3. Uit de verklaring inzake werkelijke kosten en opbrengsten, bedoeld in het eerste lid, blijkt: dat aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen is voldaan; wat het totale bedrag van de gerealiseerde subsidiabele kosten is; dat een energielabel is afgegeven na het uitvoeren van de maatregelen indien dat een onderdeel is van de gesubsidieerde activiteiten; en indien het betreft een subsidie als bedoeld in artikel 19, zesde lid, dat de aansluiting op gas binnen de gestelde termijn is vervangen of een door een systeembeheerder als bedoeld in artikel 1.1. van de Energiewet, opgesteld overzicht dat inzicht geeft in de aansluitmogelijkheden op elektriciteit. 4. Een aanvraag tot subsidievaststelling hoeft niet vergezeld te gaan van een controleverklaring.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel