Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 3

Artikel 15

Aanvraag tot subsidieverlening

Onderdeel van Subsidieregeling isolatie en ventilatie gebouwen, woonboten en woonwagens provincie Groningen en de gemeenten Aa en Hunze, Noordenveld en Tynaarlo· Financieel en economisch recht

Deze tekst geldt sinds 24 december 2025

1. Indien vanaf de datum van inwerkingtreding van deze regeling een opdracht is verstrekt tot uitvoering van de subsidiabele activiteiten of, in het geval van een doe-het-zelver, de uitvoering daarvan is gestart, kan een aanvraag tot verlening van de subsidie door een aanvrager worden ingediend vanaf het moment, bedoeld in bijlage I, op basis van de postcode waartoe het gebouw, de woonboot of woonwagen van de aanvrager behoort tot en met 3 juni 2035. 2. Een aanvraag wordt ingediend met gebruikmaking van het aanvraagformulier dat door de minister ter beschikking wordt gesteld. 3. Een aanvraag, bedoeld in het eerste lid, bevat ten minste de volgende gegevens: de voorletters en achternaam, het telefoonnummer, het e-mailadres, het correspondentieadres en het bankrekeningnummer van de aanvrager of het bankrekeningnummer van degene aan wie de subsidie moet worden uitbetaald; het adres van het gebouw, de woonboot of woonwagen waarvoor subsidie wordt aangevraagd dan wel gebouwen in geval van een VvE, wooncoöperatie of woonvereniging en, indien van toepassing, de akte van splitsing, bedoeld in artikel 108 van Boek 5 van het Burgerlijk Wetboek; in het geval van een gemachtigde: de voorletters en achternaam of naam van de persoon of rechtspersoon, het telefoonnummer, het e-mailadres, het correspondentieadres, en het machtigingsformulier; indien van toepassing: het isolatieplan; een beschrijving van de isolatie- en ventilatiemaatregelen die worden uitgevoerd; indien van toepassing: het KVK-nummer van de aanvrager; indien van toepassing: een factuur of offerte van de isolatie- en ventilatiemaatregelen waarvoor subsidie op grond van deze regeling wordt aangevraagd; in geval van een VvE of wooncoöperatie: de notulen van de algemene ledenvergadering waaruit blijkt dat is besloten om in de VvE of wooncoöperatie isolatie- en ventilatiemaatregelen aan de gezamenlijke delen van het gebouw uit te voeren en waartoe het bestuur bevoegd is om een aanvraag voor subsidie op grond van deze regeling in te dienen; in geval van een VvE of wooncoöperatie: een verdeelsleutel waaruit blijkt welk subsidiebedrag voor welk gebouw wordt aangevraagd en de notulen van de algemene ledenvergadering waaruit blijkt dat is ingestemd met deze verdeelsleutel; in geval van een woonvereniging: de statuten of de notulen van de algemene ledenvergadering waaruit blijkt dat is besloten om in de woonvereniging isolatie- en ventilatiemaatregelen aan de gezamenlijke delen van het gebouw uit te voeren en waartoe het bestuur bevoegd is om een aanvraag voor subsidie op grond van deze regeling in te dienen; in geval van een woonvereniging: een verdeelsleutel waaruit blijkt welk subsidiebedrag voor welk gebouw wordt aangevraagd en de statuten of de notulen van de algemene ledenvergadering waaruit blijkt dat is ingestemd met deze verdeelsleutel; in geval van een woningcorporatie met een minderheid van het totaal aantal gebouwen in een gemengde VvE: een verklaring dat zij aan deze voorwaarde voldoet; in geval van een rijksmonument, provinciaal dan wel gemeentelijk monument, mits van toepassing: de omgevingsvergunning voor het treffen van isolatie- en ventilatiemaatregelen op grond van deze regeling; indien de aanvrager een verzamelinkomen heeft tot 140% van het sociaal minimum: een inkomensverklaring van de aanvrager en indien van toepassing diens echtgenoot, geregistreerd partner, of fiscaal partner op een andere wijze, waaruit blijkt dat de aanvrager in het jaar voorafgaande aan de aanvraag binnen deze categorie valt; in geval subsidie wordt aangevraagd voor het treffen van isolatie- en ventilatiemaatregelen voor een woonboot of woonwagen: de omgevingsvergunning voor de ligplaats respectievelijk standplaats ervan; indien toepassing wordt gegeven aan de algemene groepsvrijstellingsverordening: een verleningsbeschikking op grond van de SVOH dan wel de SVVE, mits hiervoor subsidie kan worden aangevraagd; indien toepassing wordt gegeven aan de de-minimisverordening: een vaststellingsbeschikking op grond van de SVOH dan wel de SVVE, mits hiervoor subsidie kan worden aangevraagd; en indien van toepassing: een de-minimisverklaring of, indien toepassing wordt gegeven aan hoofdstukken I en II en artikel 38bis, leden 11, 14 tot en met 16, van de algemene groepsvrijstellingsverordening, een verklaring dat er geen sprake is van: een onderneming in moeilijkheden als bedoeld in de algemene groepsvrijstellingsverordening; een onderneming ten aanzien waarvan een bevel tot terugvordering van steun uitstaat als bedoeld in de algemene groepsvrijstellingsverordening; en ongeoorloofde cumulatie van steun op grond van de algemene groepsvrijstellingsverordening. 4. Een aanvraag tot vaststelling van de aanvullende subsidie, bedoeld in artikel 17, vierde lid, onderdeel a of b, kan door een aanvrager worden ingediend tegelijk met of nadat de aanvraag, bedoeld in het eerste lid, of de aanvraag, bedoeld in artikel 19, tweede lid, is ingediend.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel