Naar hoofdinhoud

Artikel 1

Beschrijving

Onderdeel van Richtlijn voor strafvordering Opiumwet, lijst I en lijst IA· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 7 juli 2025

Deze richtlijn heeft betrekking op enkele verboden handelingen met betrekking tot middelen op lijst I en substanties behorende tot de stofgroepen van lijst IA. 1 tablet cq 1 pil cq 1 ampule cq 1 gemiddelde consumptie-eenheid wordt gelijkgesteld met 0,5 gram. Voor GHB geldt 5 ml als gemiddelde consumptie-eenheid. Uitzondering geldt voor substanties die zijn afgeleid van de op lijst IA vermelde stofgroep 4-aminopiperidine, oftewel de fentanyl-achtigen. Voor fentanyl-achtigen is het uitgangspunt voor een consumptie-eenheid 2 milligram. Zie hiervoor tabel 6. Er zijn vijf basisdelicten met uitgangspunten geformuleerd. Daarnaast is een tabel (tabel 6) toegevoegd voor substanties die behoren tot de stofgroepen genoemd op lijst IA, die sinds 1 juli 2025 aan de Opiumwet is toegevoegd. Bij enkele delicten geldt een verzwaarde recidiveregeling. Inbeslaggenomen drugs worden onttrokken aan het verkeer. Bij het komen tot een OM-afdoening of formuleren van een eis ter terechtzitting, dient voor ogen te worden gehouden dat aan een overtreding van de Opiumwet afgezien van de gezondheidsschade in nagenoeg alle gevallen een financieel motief ten grondslag ligt. De enige algemene uitzondering daarop betreft het aanwezig hebben van een geringe hoeveelheid harddrugs voor eigen gebruik. In zaken die zich daarvoor lenen en waarin dat passend wordt geacht, dient gezien het winstbejag expliciet te worden overwogen om de hieronder genoemde strafmodaliteiten taakstraf (TS) en gevangenisstraf (GS) (al dan niet gedeeltelijk) om te zetten in de strafmodaliteit geldboete. Deze overweging geldt zowel voor de OM-afdoening als voor de eis ter terechtzitting, in het bijzonder – maar niet uitsluitend – in zaken waarin in de voorfase reeds conservatoir geldboete- of ontnemingsbeslag is gelegd. Als uitgangspunt voor de omzetting TS/GS naar GB geldt dat twee (2) uren taakstraf worden gewaardeerd op € 50 geldboete en dat een (1) dag gevangenisstraf wordt gewaardeerd op € 50 geldboete. Voorts dient, gelet op het financiële motief bij deze strafbare feiten, bij de OM-afdoening dan wel ter terechtzitting gedacht te worden aan (het vorderen van) de verbeurdverklaring van daarvoor vatbare voorwerpen die werden gebruikt bij het plegen van het feit (denk onder meer aan: dealtelefoons, voertuigen van waaruit wordt gehandeld of waarin drugs zijn vervoerd). Naast de in de tabellen genoemde strafuitgangspunten wordt gewezen op de maatregel kostenverhaal. Indien de kosten van vernietiging bekend zijn dient in beginsel een vordering van de maatregel kostenverhaal (art. 13d OW) te worden gevorderd.

Rechtspraak bij dit artikel