Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Wijze van declareren

Onderdeel van Beleidsregel Wlz-zorgaanbieders met tandartspraktijk 2026· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

Wlz-zorgaanbieders met een tandartspraktijk ingericht voor het verlenen van tandheelkundige hulp kunnen de in artikel 5 genoemde prestaties leveren en op de volgende wijze declareren: Bij tandheelkundige hulp die wordt verleend aan externe cliënten kan de Wlz-zorgaanbieder een deel van de praktijkkosten via één prestatie (Gebruik tandartsruimte – G013) declareren bij de zorgaanbieder van de externe cliënt. Intraveneuze sedatie of narcose. De Wlz-zorgaanbieder kan de kosten van intraveneuze sedatie of narcose declareren via het G201-tarief, zowel voor eigen als voor externe cliënten voor zover deze kosten niet voor rekening komen van het ziekenhuis of de anesthesist. Deze kosten kunnen door de Wlz-zorgaanbieder rechtstreeks bij het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder worden gedeclareerd. Voordat de Wlz-zorgaanbieder de in artikel 5 genoemde G-tarieven kan declareren, moeten deze via het budget-/herschikkingsformulier Wlz of nacalculatieformulier Wlz bij de NZa zijn aangevraagd en vermeld zijn op de tariefbeschikking van de Wlz-zorgaanbieder. De aanvraag voor het G201-tarief dient een overzicht te bevatten van de verwachte jaarlijkse meerkosten (uitgesplitst naar kapitaallasten, loon- en materiële kosten) die betrekking hebben op het narcose-deel van de behandeling én het aantal uren narcosebehandeling per jaar. Het uurtarief wordt berekend door de totale verwachte werkelijke kosten te delen door het aantal begrote behandeluren.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel