Wlz-zorgaanbieders met een tandartspraktijk ingericht voor het verlenen van tandheelkundige hulp kunnen de in artikel 5 genoemde prestaties leveren en op de volgende wijze declareren:
Bij tandheelkundige hulp die wordt verleend aan externe cliënten kan de Wlz-zorgaanbieder een deel van de praktijkkosten via één prestatie (Gebruik tandartsruimte – G013) declareren bij de zorgaanbieder van de externe cliënt.
Intraveneuze sedatie of narcose.
De Wlz-zorgaanbieder kan de kosten van intraveneuze sedatie of narcose declareren via het G201-tarief, zowel voor eigen als voor externe cliënten voor zover deze kosten niet voor rekening komen van het ziekenhuis of de anesthesist. Deze kosten kunnen door de Wlz-zorgaanbieder rechtstreeks bij het zorgkantoor/de Wlz-uitvoerder worden gedeclareerd.
Voordat de Wlz-zorgaanbieder de in artikel 5 genoemde G-tarieven kan declareren, moeten deze via het budget-/herschikkingsformulier Wlz of nacalculatieformulier Wlz bij de NZa zijn aangevraagd en vermeld zijn op de tariefbeschikking van de Wlz-zorgaanbieder. De aanvraag voor het G201-tarief dient een overzicht te bevatten van de verwachte jaarlijkse meerkosten (uitgesplitst naar kapitaallasten, loon- en materiële kosten) die betrekking hebben op het narcose-deel van de behandeling én het aantal uren narcosebehandeling per jaar. Het uurtarief wordt berekend door de totale verwachte werkelijke kosten te delen door het aantal begrote behandeluren.
Artikel 6
Wijze van declareren
Onderdeel van Beleidsregel Wlz-zorgaanbieders met tandartspraktijk 2026· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026