In deze beleidsregel wordt verstaan onder:
Acute psychiatrische hulpverlening: hulpverlening die deel uitmaakt van de geneeskundige ggz en welke gericht is op personen in een crisissituatie waarvan het vermoeden bestaat dat zij een acute psychiatrische stoornis hebben. De zorg wordt geleverd conform de generieke module acute psychiatrie;
Beschikbaarheidbijdrage mvo ggz (bb mvo ggz): de beschikbaarheidbijdrage medische vervolgopleidingen ggz
Consult: direct, ononderbroken en zorginhoudelijk contact tussen zorgaanbieder en (forensische) patiënt of naasten van de patiënt;
Directe kosten: kosten die direct toewijsbaar zijn aan prestaties;
Forensische zorg: zorg als omschreven bij of krachtens artikel 1.1, tweede lid, van de Wet forensische zorg;
Fte: de fulltime-equivalent is de rekeneenheid om aan te duiden welk deel van een fulltime omvang het betreft;
Geneeskundige ggz: geneeskundige geestelijke gezondheidszorg als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet;
Indirecte kosten: alle niet-directe kosten;
Instelling: een zorgaanbieder die als instelling is aangemerkt in bijlage C bij het Landelijk Kwaliteitsstatuut;
Kostprijs: de aan elke afzonderlijke prestatie toegerekende kosten;
Kostprijsmodel: model dat begrippen, definities, rekenregels, verdeelsleutels en praktische aanwijzingen bevat die een beschrijving vormen van de wijze waarop kostprijzen berekend worden;
Kostprijsonderzoek: het proces om te komen tot kostprijzen voor ggz-Zvw, ggz-fz, de ggz-Wlz-prestaties voor zover het gaat om verblijf met behandeling en vergoedingsbedragen in het kader van de bb mvo ggz;
Nhc: de normatieve huisvestingscomponent (nhc) is een productie gebonden normatieve vergoeding voor (vervangende) (nieuw)bouw en instandhouding.
Nic: de normatieve inventariscomponent (nic) is een productie gebonden normatieve vergoeding voor investeringen in inventaris.
NZa: Nederlandse Zorgautoriteit, als genoemd in artikel 3 van de Wmg;
Prestatie: Een zorgproduct gedefinieerd door de NZa, zoals bedoeld in artikel 1, onderdeel j van de Wmg;
Productie: de aantallen van alle prestaties in het kader van het zorgprestatiemodel, de verblijfsprestaties Wlz met behandeling en de vergoedingen in het kader van ggz-opleidingen, die voldoen aan alle eisen daaraan gesteld, geleverd in het uitvraagjaar; voor zover het ZPM of Wlz-prestaties betreft onafhankelijk óf en door wie die prestaties betaald worden een en ander zoals bekend op het moment van de uitvraag;
Setting: het onderscheid tussen vormen van zorg binnen het Zorgprestatiemodel op basis van benodigde infrastructuur en inzet van verschillende disciplines;
Tarief: prijs voor een prestatie, een deel van een prestatie of geheel van prestaties van een zorgaanbieder als bedoeld in artikel 1 sub k van de Wmg.;
Verblijfsdag: dag en daaropvolgende nacht dat een patiënt gedurende een periode van klinische opname in een instelling verblijft. De eerste verblijfsdag is de dag dat de patiënt voor 20:00u is opgenomen;
vrijgevestigde: een zorgaanbieder die als vrijgevestigde is aangemerkt in bijlage C bij het Landelijk Kwaliteitsstatuut;
Wfz:Wet forensische zorg;
Wlz:Wet langdurige zorg;
Wlz-prestaties: de Wlz-zorgprestaties beschreven in bijlage 1;
Wmg:Wet marktordening gezondheidszorg;
Wmo:Wet maatschappelijke ondersteuning;
Zorg: zorg als bedoeld in artikel 1, aanhef en onder b, van de Wmg en forensische zorg als omschreven bij of krachtens artikel 1.1, tweede lid, van de Wfz;
Zorgaanbieder: Zorgaanbieder als bedoeld in artikel 1, onderdeel c van de Wmg;
Zorgkantoor: een ingevolge artikel 4.2.4, tweede lid, van de Wlz voor een bepaalde regio aangewezen Wlz-uitvoerder;
ZPM: het Zorgprestatiemodel dat met ingang van 1 januari 2022 van kracht is voor de geneeskundige ggz en forensische zorg;
Zvw:Zorgverzekeringswet;
Artikel 1
Begripsbepalingen
Onderdeel van Beleidsregel tariefopbouw prestaties in de geestelijke gezondheidszorg en forensische zorg· Gezondheidsrecht en farmaceutisch recht
Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026