Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2 › Paragraaf 2.8

Artikel 2.26

Eisen aan ruimtes bij een kindercentrum

Onderdeel van Besluit kinderopvang BES· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

1. De binnen- en buitenruimtes waar kinderen verblijven gedurende de tijd dat zij in een kindercentrum worden opgevangen, zijn veilig, toegankelijk en passend ingericht in overeenstemming met het aantal en de leeftijd van de op te vangen kinderen. 2. Een kindercentrum beschikt per in het kindercentrum aanwezig kind over ten minste 3 m2 binnenspeelruimte. 3. Een kindercentrum beschikt per in het kindercentrum aanwezig kind over ten minste 3 m2 vaste buitenspeelruimte. 4. De binnenspeelruimte is zodanig geventileerd dat sprake is van een gezond binnenmilieu. 5. Elke stamgroep beschikt over een afzonderlijke vaste stamgroepruimte. 6. Passend voor spelactiviteiten ingerichte binnenruimtes buiten de stamgroepruimte worden naar evenredigheid aan de groepen van het kindercentrum toebedeeld. 7. Een kindercentrum beschikt voor kinderen tot de leeftijd van anderhalf jaar over een op het aantal aanwezige kinderen afgestemde afzonderlijke slaapruimte. 8. De buitenspeelruimte: is schaduwrijk; en grenst aan het gebouw waarin het kindercentrum is gevestigd.

Rechtspraak bij dit artikel