‘Gearing’ betreft de mate waarin een onderneming met vreemd vermogen is gefinancierd, uitgedrukt als fractie van het totale vermogen. Aangezien de WACC het gewogen gemiddelde is van de kostenvoet vreemd vermogen en de kostenvoet eigen vermogen, is het belangrijk om de verhouding tussen vreemd en eigen vermogen vast te stellen. Daarnaast is de gearing van belang bij het berekenen van de equity bèta, zoals in paragraaf 4.3 van dit besluit is uitgelegd. De ACM zal in deze paragraaf toelichten hoe zij de gearing bepaalt en wat de hoogte van de gearing is.
Als gevolg van de tussenuitspraak van het CBb54ECLI:NL:CBB:2022:184, ov. 6.5.3. waarin zij oordeelt dat de ACM de kostenvoet vreemd vermogen moet baseren op de daadwerkelijke gemiddelde kosten van vreemd vermogen van de warmteleveranciers, heeft de ACM besloten deze lijn in dit besluit ook te volgen voor de bepaling van gearing. Deze wordt namelijk bepaald op basis van de daadwerkelijke vermogensverhouding van warmteleveranciers. Hiermee wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de werkelijke situatie van warmteleveranciers.
De ACM past de berekening van de gearing aan. De ACM corrigeert een rekenfout en voert een verbetering door van de definitie van de gearing.
De rekenfout betreft de noemer van de gearing. De gearing is in het oorspronkelijke besluit berekend als de verhouding tussen de rentedragende schuld en de som van de rentedragende schuld en het totale vermogen. Dit moet zijn de verhouding tussen de rentedragende schuld en het totale vermogen.
Naast de correctie van de rekenfout verbetert de ACM de definitie. Als noemer wordt de som van het eigen vermogen en de rentedragende schulden genomen en niet het totale vermogen. De niet rentedragende schuld blijft buiten beschouwing. De ACM acht dit een verbetering, op basis van twee argumenten. Op de eerste plaats sluit de definitie beter aan op de rendementstoets. In deze toets wordt gekeken naar het rendement op de vaste activa oftewel het geïnvesteerd vermogen. Het is daarom logisch alleen de rentedragende schulden mee te tellen. De niet rentedragende schuld wordt in de regel enkel gebruikt om vlottende activa te financieren. Ten tweede, sluit de ACM met deze definitie aan op de gangbare finance theorie van de gearing en de beta55Damodaran (2006) Valuation: Security Analysis for Investment and Corporate Finance..
De ACM gebruikt bij de berekening voor de jaren 2018–2022 informatie van 19 warmteleveranciers56Brattle (2023), The WACC for Heating Companies in the Netherlands en voor de jaren 2023–2025 de eerder beschreven nieuwe dataset van 84 warmteleveranciers. De ACM laat warmteleveranciers met een negatief eigen vermogen en warmteleveranciers die geen rentedragende schulden hebben buiten beschouwing57Uiteindelijk is de gearing berekend op basis van 12, 14, 16,1 5, 14 en 45 observaties voor respectievelijk de jaren 2018, 2019, 2020, 2021, 2022 en 2023–2025..
2018
2019
2020
2021
2022
Vermogensverhouding (vreemd vs. totaal vermogen)
75%
(was: 43%)
76%
(was: 43%)
74%
(was: 41%)
75%
(was: 41%)
73%
(was: 44%)
2023
2024
2025
Vermogensverhouding (vreemd vs. totaal vermogen)
76%
(was: 44%)
76%
(was: 44%)
76%
(was: 44%)
De belastingvoet betreft het gemiddeld geldende (marginale) tarief voor de vennootschapsbelasting voor Nederlandse ondernemingen gedurende de jaren waarvoor de ACM een WACC vaststelt. De belastingvoet is van belang voor het bepalen van de WACC, aangezien de nominale WACC vóór belasting ook een compensatie moet bevatten voor de te betalen vennootschapsbelasting. Daarnaast is de belastingvoet van belang bij het berekenen van de equity bèta.
De belastingvoet voor de jaren 2018-2021 was gelijk aan 25%. Vanaf het jaar 2022 is het tarief voor de vennootschapsbelasting zoals vastgesteld in de huidige wet58Artikel 22 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. gestegen naar 25,80%. Voor de jaren 2022-2025 hanteert de ACM dan ook een tarief van 25,80%. In het ontwerpbesluit WACC warmteleveranciers had de ACM nog geen rekening gehouden met dit verhoogde tarief.
Artikel 6
Gearing en belastingvoet
Onderdeel van Gewijzigd besluit redelijk rendement warmteleveranciers· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 9 oktober 2025