‘Gearing’ betreft de mate waarin een onderneming met vreemd vermogen is gefinancierd, uitgedrukt als fractie van het totale vermogen. Aangezien de WACC het gewogen gemiddelde is van de kostenvoet vreemd vermogen en de kostenvoet eigen vermogen, is het belangrijk om deze verhouding vast te stellen. Daarnaast is de gearing van belang bij het berekenen van de equity bèta, zoals in paragraaf 4.3 van dit besluit is uitgelegd. De ACM zal in deze paragraaf toelichten hoe zij de gearing bepaalt en wat de hoogte van de gearing is.
De ACM bepaalt de gearing op basis van de daadwerkelijke vermogensverhouding van warmteleveranciers. Hiermee wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de werkelijke situatie van warmteleveranciers. Hiermee sluit de ACM aan op een tussenuitspraak van het CBb58ECLI:NL:CBB:2022:184, ov. 6.5.3. waarin het oordeelde dat de ACM de kostenvoet vreemd vermogen moet baseren op de daadwerkelijke gemiddelde kosten van vreemd vermogen van de warmteleveranciers.
De ACM verbetert de definitie voor de gearing. In het besluit redelijk rendement warmteleveranciers 2018–2025 van 22 augustus 2023 definieerde de ACM de gearing als de rentedragende schulden gedeeld door het totale vermogen van warmteleveranciers. In dit besluit wordt de rentedragende schuld gedeeld door de som van het eigen vermogen en de rentedragende schuld. De niet rentedragende schulden blijven daarmee buiten beschouwing. De ACM acht dit een verbetering, op basis van twee argumenten. Op de eerste plaats sluit de definitie beter aan op de rendementstoets. In deze toets wordt gekeken naar het rendement op de vaste activa oftewel het geïnvesteerd vermogen. Het is daarom logisch alleen de rentedragende schulden mee te tellen. De niet rentedragende schuld wordt in de regel enkel gebruikt om vlottende activa te financieren. Ten tweede sluit de ACM met deze definitie aan op de gangbare financieringstheorie van de gearing en de bèta, en bij de aanpak die de ACM in andere sectoren hanteert.59A. Damodaran, Valuation: Security Analysis for Investment and Corporate Finance, 2006.
De ACM gebruikt bij de berekening informatie uit de eerder beschreven dataset van 84 warmteleveranciers. De ACM laat warmteleveranciers met een negatief eigen vermogen en warmteleveranciers die geen rentedragende schulden hebben buiten beschouwing.60Uiteindelijk is de gearing berekend op basis van 45 observaties.
De ACM stelt de gearing vast conform de uitkomsten in tabel 9.
2026
2027
2028
Vermogensverhouding (vreemd vs. totaal vermogen)
76,00%
76,00%
76,00%
De belastingvoet betreft het gemiddeld geldende (marginale) tarief voor de vennootschapsbelasting voor Nederlandse ondernemingen gedurende de jaren waarvoor de ACM een WACC vaststelt. De belastingvoet is van belang voor het bepalen van de WACC, aangezien de nominale WACC vóór belasting ook een compensatie moet bevatten voor de te betalen vennootschapsbelasting. Daarnaast is de belastingvoet van belang bij het berekenen van de equity bèta.
Vanaf het jaar 2022 is het tarief voor de vennootschapsbelasting zoals vastgesteld in de huidige wet61Artikel 22 van de Wet op de vennootschapsbelasting 1969. gestegen naar 25,80%. Voor de jaren 2026–2028 hanteert de ACM dan ook een tarief van 25,80%.
Artikel 7
Gearing en belastingvoet
Onderdeel van Besluit vaststelling redelijk rendement warmteleveranciers 2026–2028· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 17 november 2025