Naar hoofdinhoud

Artikel 6

Weigeringsgronden

Onderdeel van Regeling literaire programma’s· Cultureel recht

Deze tekst geldt sinds 9 december 2025

1. De subsidie wordt in ieder geval niet verleend indien: de aanvrager niet aan het bepaalde in deze regeling voldoet; de aanvrager zich uitsluitend bezighoudt met wetenschap; de aanvraag primair gericht is op de productie van boeken, tijdschriften, kranten, podcasts of andere media; de activiteiten waarvoor wordt aangevraagd zich richten op leesbevordering of literatuur-educatie; geen sprake is van eigen inkomsten; de activiteiten binnen 12 weken na ontvangst van de aanvraag starten; voor de activiteiten waarvoor op grond van deze regeling subsidie wordt aangevraagd aan de aanvrager reeds subsidie is of zal worden verleend op grond van een andere regeling van het Letterenfonds; voor de activiteit waarvoor op grond van deze regeling subsidie wordt aangevraagd, een subsidie is aangevraagd of toegekend op grond van een meerjarige regeling van één van de andere rijkscultuurfondsen zoals genoemd in artikel 9 van Wet op het specifiek cultuurbeleid; een voorafgaand programma waarvoor aan dezelfde aanvrager op grond van deze regeling subsidie is verleend nog niet is afgerond. 2. De subsidieontvanger van een vierjarige subsidie op grond van de regeling Vierjarige subsidies literaire organisaties Nederlands Letterenfonds 2025–2028 of de Regeling vierjarige subsidies literair-educatieve organisaties 2025–2028 komt niet in aanmerking voor een subsidie op grond van deze regeling voor projecten die plaatsvinden in het kalenderjaar 2026.

Rechtspraak bij dit artikel