Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Besluit aanwijzing toezichthouders Energiewet· Ondernemingspraktijk

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

Met het toezicht op de naleving, bedoeld in artikel 5.18, eerste lid, van de wet, zijn belast: de inspecteur-generaal der mijnen en de onder hem vallende ambtenaren met de functiebenamingen inspecteur, senior inspecteur, coördinerend/specialistisch inspecteur en inspecteur/medewerker toezicht, voor zover het betreft het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 3.48, 3.74 en 3.79, onderdeel a, van de wet, ten aanzien van onderwerpen die betrekking hebben op de veiligheid in verband met gas; de ambtenaren met de functiebenamingen inspecteur, senior inspecteur, coördinerend/specialistisch inspecteur en inspecteur/medewerker toezicht van de Rijksinspectie Digitale Infrastructuur van het Ministerie van Economische Zaken, ten aanzien van: de artikelen 2.46, eerste en derde lid, voor zover het een aangeslotene met een kleine aansluiting betreft, 2.47, eerste lid, 3.18, 3.53, derde lid, 4.3, 4.4, eerste en tweede lid, 4.14, 4.20, 4.21, eerste en tweede lid, 4.22 en 7.28, zesde lid, van de wet; de artikelen 15, eerste, tweede, derde en vijfde lid, 26, 27, 28, tweede en derde lid, 29, zesde lid, 31, eerste, tweede, vierde en vijfde lid, 32, eerste en tweede lid, 33, derde, vierde en vijfde lid, 38, eerste, derde, vierde en zesde tot en met negende lid, 39, eerste, tweede en derde lid, 40, vierde lid, 41, vijfde, zesde, achtste, negende, tiende en dertiende tot en met zestiende lid, 43, eerste tot en met vierde lid, 44, eerste lid, 45, eerste tot en met vierde lid, 46, 47, eerste, tweede, vierde, vijfde, zesde en achtste lid en 48, tiende lid, van gedelegeerde verordening 2024/1366; de ambtenaren die zijn aangewezen krachtens artikel 12a, eerste lid, van de Instellingswet Autoriteit Consument en Markt, ten aanzien van: het bepaalde bij of krachtens de artikelen 3.48, 3.74, aanhef en onderdeel b, en 3.79, onderdeel a, van de wet, met uitzondering van onderwerpen die betrekking hebben op de veiligheid in verband met gas; en het bepaalde bij of krachtens de artikelen 3.67 tot en met 3.70 van de wet; de ambtenaren van de afdeling Toezicht Economische Veiligheid van de directie Toezicht Economische Veiligheid en Eigenaars- en Aandeelhoudersadvisering van het Ministerie van Economische Zaken, ten aanzien van het bepaalde bij of krachtens artikel 6.3 van de wet.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel