Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 22

Artikel 22.4

Voorschriften

Onderdeel van Toezichtbeleid Erkenninghouders, Keurmeesters en Technici RDW· Vervoersrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

1. U draagt er zorg voor dat uit de lease- of financieringsovereenkomst blijkt dat de tenaamgestelde rechtspersoon heeft ingestemd om het voertuig op naam te krijgen. 2. U heeft aantoonbaar de eigendom van de voertuigen waarvoor u een verstrekkingsvoorbehoud in het kentekenregister plaatst. Voertuigen waarvan u niet het eigendom heeft, mag u niet voorzien van een verstrekkingsvoorbehoud. 3. U draagt er zorg voor dat de kentekenhouder schriftelijk en aantoonbaar op de hoogte is gesteld en instemming heeft verleend dat u de motorrijtuigenbelasting voldoet, de gemeentelijke parkeerbelasting voldoet, boetes voldoet, de attendering van de APK ontvangt of de attendering van de verplichting tot verzekering ontvangt. 4. U stelt de kentekenhouder schriftelijk op de hoogte dat de instemming als bedoeld in het derde lid onverlet laat dat de houder de verplichtingen moet nakomen als u deze niet meer nakomt. 5. Als de instemming als bedoeld in het derde lid is vervallen, stopt u onmiddellijk het overnemen van de verplichtingen. 6. U draagt er zorg voor dat de kentekenhouder schriftelijk en aantoonbaar op de hoogte is gesteld en akkoord is gegaan om een verstrekkingsvoorbehoud in het kentekenregister op te nemen waardoor de tenaamstellingscode van het voertuig door de RDW aan u wordt verstrekt en door u wordt bewaard. 7. U verwijdert het verstrekkingsvoorbehoud onmiddellijk als de instemming is vervallen en maakt de tenaamstellingscode onmiddellijk kenbaar aan de kentekenhouder.

Rechtspraak bij dit artikel