Naar hoofdinhoud

Artikel 9

Naheffing

Onderdeel van Kaderbesluit mrb· Belastingrecht

Deze tekst geldt sinds 1 januari 2026

Een bedrijf dat beschikt over een erkenning bedrijfsvoorraad kan gebruik maken van de handelaarsregeling. Daarmee is het onder andere mogelijk om met motorrijtuigen die zijn opgenomen in de bedrijfsvoorraad, gebruik te maken van de weg. Tijdens dit gebruik moeten de motorrijtuigen zijn voorzien van de groene handelaarskentekenplaten. Toepassen van de handelaarsregeling heeft als voordeel dat voor de motorrijtuigen die zijn opgenomen in de bedrijfsvoorraad niet afzonderlijk belasting hoeft te worden voldaan. Omdat met gebruikmaking van deze regeling afwisselend met verschillende motorrijtuigen uit de bedrijfsvoorraad gebruik van de weg kan worden gemaakt, is het tarief voor deze faciliteit in artikel 67 van de wet bij fictie vastgesteld op de belasting die verschuldigd is voor een personenauto met een eigen massa van 1.000 kg, over een tijdvak van drie maanden. Gewicht, brandstof of type van het onderliggende motorrijtuig zijn dan ook niet van belang voor de hoogte van de belasting. Als niet aan de voorwaarden van de handelaarsregeling is voldaan, kan er een naheffingsaanslag/boetebeschikking worden opgelegd (artikel 69, van de wet). Er wordt geen rekening gehouden met kenmerken en omstandigheden van het motorrijtuig waarmee de voorwaarden van de handelaarsregeling zijn geschonden. Ook als voor dit motorrijtuig een nihiltarief of vrijstelling van toepassing zou zijn wanneer deze niet in de bedrijfsvoorraad zou zijn opgenomen, kan er alsnog een naheffing worden opgelegd naar het handelaarskentekentarief. Dit beleidsonderdeel is tot stand gekomen naar aanleiding van het kennisgroepstandpunt KG:013:2024:4, dat eerder is gepubliceerd op de website kennisgroepen.belastingdienst.nl Bij een constatering dat met een motorrijtuig tijdens een schorsing (als bedoeld in hoofdstuk IV, paragraaf 6, Wegenverkeerswet 1994) gebruik van de weg wordt gemaakt, wordt de niet-betaalde belasting voor dit motorrijtuig nageheven. Wanneer er een vrijstelling van toepassing is, is over de genoemde periode geen belasting verschuldigd en kan er ook geen naheffingsaanslag worden opgelegd. Ten overvloede, als niet (meer) wordt voldaan aan de voorwaarden van de vrijstelling kan een naheffingsaanslag op basis van artikel 76, Wet MRB 1994 worden opgelegd. Dit beleidsonderdeel is tot stand gekomen naar aanleiding van het kennisgroepstandpunt KG:013:2024:3, dat eerder is gepubliceerd op de website kennisgroepen.belastingdienst.nl. Bij een constatering dat met een motorrijtuig tijdens een schorsing (als bedoeld in hoofdstuk IV, paragraaf 6, Wegenverkeerswet 1994) gebruik van de weg wordt gemaakt, wordt de niet-betaalde belasting voor dit motorrijtuig nageheven. Artikel 35, Wet MRB 1994 geeft aan dat de na te heffen belasting wordt berekend over een tijdsduur van vier aaneensluitende tijdvakken van drie maanden met als laatste tijdvak dat waarin gebruik van de weg is gemaakt. Voor een motorrijtuig dat gebruik maakt van de overgangsregeling oldtimers geldt echter een tijdvak van een kalenderjaar. De belasting wordt berekend op basis van artikel 84a, tweede lid, van de wet en voor aanvang van het kalenderjaar betaald (artikel 84a, derde lid, onder e, van de wet). Een eventuele schorsing resulteert niet in een gedeeltelijke teruggave van belasting (artikel 84a, tiende lid, juncto artikel 19, van de wet). Wanneer in de maanden maart tot en met november van een kalenderjaar met een geschorst motorrijtuig gebruik van de weg wordt geconstateerd kan derhalve ook niet worden nageheven. Voor de OVR is de verschuldigde belasting immers al voor aanvang van het tijdvak (kalenderjaar) betaald. Ten overvloede, als in januari, februari of december gebruik van de weg wordt gemaakt, wordt niet voldaan aan de voorwaarden van de OVR en kan wel een naheffingsaanslag op basis van artikel 84a, van de wet worden opgelegd. Dit beleidsonderdeel is tot stand gekomen naar aanleiding van het kennisgroepstandpunt KG:013:2024:3, dat eerder is gepubliceerd op de website kennisgroepen.belastingdienst.nl.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel