Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 13 › § 13.2 › § 13.2.4

Artikel 13.14

aanwijzing warmtetransportbeheerder

Onderdeel van Wet collectieve warmte· Ondernemingspraktijk

1. Indien op het tijdstip van inwerkingtreding van dit artikel een warmtetransportonderneming een warmtetransportnet in een gebied in ontwikkeling en aangelegd heeft, verleent Onze Minister binnen een half jaar na inwerkingtreding van dit artikel de onderneming een aanwijzing voor dit gebied voor minimaal 20 en maximaal 30 jaar indien de onderneming voldoet aan de voorwaarden gesteld in de artikelen 5.11, 5.12 en 5.14. Op de beoordeling van de aanvraag is artikel 5.1, zesde lid, van overeenkomstige toepassing. 2. Onze Minister kan aan een aanwijzing voorschriften en beperkingen verbinden. 3. De aanwijzing wordt geacht een aanwijzing als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, te zijn. 4. Onze Minister zendt aan de Autoriteit Consument en Markt een afschrift van de aanwijzing. 5. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de wijze waarop de aanvraag om een aanwijzing op grond van het eerste lid wordt ingediend, de bij de aanvraag om een aanwijzing te verstrekken gegevens en bescheiden en de termijn waarbinnen Onze Minister een besluit neemt. 6. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere regels worden gesteld over: de voorschriften en beperkingen, bedoeld in het tweede lid; de voorwaarden, genoemd in het eerste lid.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel