**1.** De verhuurder of een vereniging van eigenaars of een daarmee vergelijkbare rechtsvorm meldt aan het college een significante wijziging van de levering en het transport van warmte, bedoeld in artikel 4.1, eerste lid.
**2.** De verhuurder of vereniging van eigenaars of daarmee vergelijkbare rechtsvorm is 30 jaar vrijgesteld van het verbod, bedoeld in artikel 1.2, eerste lid, indien de significante wijziging van de levering en het transport van warmte, bedoeld in het eerste lid, buiten een warmtekavel plaatsvindt. De vrijstelling geldt voor het gebied waarbinnen de levering aan huurders of leden van de vereniging van eigenaars plaatsvindt.
**3.** Indien de significante wijziging van de levering en het transport van warmte, bedoeld in het eerste lid, binnen een warmtekavel plaatsvindt, kan het college de verhuurder, vereniging van eigenaars of daarmee vergelijkbare rechtsvorm binnen een bij ministeriële regeling te bepalen termijn na ontvangst van de melding aangeven dat:
een ontheffing aangevraagd dient te worden van artikel 1.2, eerste lid;
een wijziging van de ontheffing, bedoeld in artikel 4.2, eerste lid, aangevraagd dient te worden.
**4.** Voor de significante wijziging van de levering en het transport van warmte, bedoeld in het derde lid, wordt geacht een ontheffing te zijn verleend van artikel 1.2, eerste lid, indien het college binnen de termijn, bedoeld in het derde lid, niet heeft aangegeven dat voor deze significante wijziging een ontheffing of een wijziging van de ontheffing aangevraagd dient te worden. Het college plaatst een mededeling in de Staatscourant en op andere geschikte wijze binnen twee weken nadat de ontheffing van rechtswege is verleend.
**5.** Het college kan ambtshalve of op aanvraag van een verhuurder of een vereniging van eigenaars of een daarmee vergelijkbare rechtsvorm een ontheffing, bedoeld in artikel 4.2, eerste lid, wijzigen.
**6.** Artikel 4.2, tweede tot en met vijfde lid, is van overeenkomstig toepassing op de wijziging van de ontheffing.