Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Artikel 2

Onderdeel van Besluit regels vervolgfuncties bewindspersonen· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 20 februari 2026

1. Bij ministeriële regeling worden ten behoeve van een advies als bedoeld in de artikelen 2, eerste lid, 3, derde lid, en 4, vierde lid, van de wet regels gesteld met betrekking tot de procedure die wordt gevolgd vanaf het tijdstip dat het verzoek om advies is ingediend tot aan het tijdstip dat het advies is uitgebracht. 2. Een verzoek als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de wet wordt enkel in behandeling genomen indien een hiertoe bestemd bij ministeriële regeling vastgesteld formulier is ingevuld, waarin naast naam, adres, woonplaats en telefoonnummer tenminste gegevens zijn opgenomen met betrekking tot: het voormalige ministerie of de voormalige ministeries waarvoor de bewindspersoon of gewezen bewindspersoon werkzaamheden heeft verricht; beleidsterreinen van het eigen ministerie alsmede van andere ministeries waarbij de bewindspersoon of gewezen bewindspersoon intensief en meer dan incidenteel betrokken is geweest; het dienstverband dat, of de opdracht die, de bewindspersoon of gewezen bewindspersoon wenst aan te gaan; in hoeverre en op welke manier er tijdens de ambtsperiode contact is geweest met de toekomstige werkgever of opdrachtgever, en andere relevante informatie die van belang kan zijn voor het advies. 3. Ten behoeve van een advies als bedoeld in de artikelen 3, derde lid, en 4, vierde lid, van de wet worden door de bewindspersoon of gewezen bewindspersoon de gegevens als bedoeld in het tweede lid, onderdelen a tot en met e, verstrekt aan de Minister-President. Treedt in werking op het tijdstip waarop de Wet regels integriteit en vervolgfuncties bewindspersonen in werking treedt.

Rechtspraak bij dit artikel