Naar hoofdinhoud

Artikel 2

Doel en middelen

Onderdeel van Statutenwijziging Stichting Nederlandse Algemene Kwaliteitsdienst Tuinbouw· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 20 februari 2026

De Stichting stelt zich ten doel: te bevorderen dat betrouwbaar teelt- en plantmateriaal van bloemisterij-, boomkwekerij- en groentegewassen wordt voortgebracht, in het verkeer gebracht, verder verhandeld en uitgevoerd; het gebruik van betrouwbaar teelt- en plantmateriaal als in lid 1 van dit artikel omschreven alsmede de verbetering van dat materiaal te bevorderen; om op basis van hetzij de wet, hetzij een ministerieel mandaat controle- en inspectiewerkzaamheden te verrichten op planten en plantaardige producten. Onder deze werkzaamheden worden in het bijzonder begrepen de keuring en de controle op de naleving van de bij of krachtens de Zaaizaad- en Plantgoedwet 2005 en de Plantgezondheidswet gestelde voorschriften en de uitvoering van fytosanitaire inspecties en het verstrekken van fytosanitaire documenten en kwaliteitscertificaten; rassenregistratie- en kwekersrechtonderzoek te verrichten in cultuurgewassen. 1. De Stichting verricht uitsluitend werkzaamheden van openbaar belang en streeft haar doelstelling na met onder meer de navolgende middelen: het doen van voorstellen tot wijziging van inspectie- en keuringsnormen dan wel van inspectie- en keuringsvoorschriften aan de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur; het verrichten van keuringen, inspecties en controles op basis van de Zaaizaad- en Plantgoedwet 2005 en de Plantgezondheidswet en de op deze wetgeving steunende voorschriften; het stellen van voorschriften met betrekking tot de wijze waarop de keuring of de inspectie wordt uitgevoerd en de wijze waarop het uitreiken van kentekenen en bewijsstukken plaatsvindt; het ontwikkelen en instandhouden van certificatieschema’s voor de productie van hoogwaardig teelt- of plantmateriaal, de technische inrichting en/of de technische administratie van het bedrijf van de leverancier of de exploitant, of aspecten daarvan, welke schema’s voorschriften bevatten die een directe aansluiting vinden bij de wettelijke eisen die aan plantaardig materiaal en de leverancier of exploitant daarvan worden gesteld, waarbij op verzoek van de leverancier of exploitant een certificaat wordt verstrekt dat kenbaar maakt dat een gerechtvaardigd vertrouwen bestaat dat de kwaliteit van dat materiaal, dan wel de productieomstandigheden op zijn bedrijf, overeenstemmen met hetgeen in het certificatieschema is neergelegd; het verrichten van rassenregistratie- en kwekersrechtonderzoek, de administratieve verwerking van aanvragen voor rassenregistratie en kwekersrechtverlening en het voorbereiden van door de Minister van Landbouw, Visserij. Voedselzekerheid en Natuur dan wel de Raad voor plantenrassen te nemen beslissingen; het verstrekken van informatie en adviezen aan sectoren en (organisaties van) het bedrijfsleven over aangelegenheden die op het werkterrein van de Stichting liggen, alsmede het verzamelen en overdragen van kennis betreffende plantaardig materiaal, onder meer door het verzorgen van opleidingen, cursussen, workshops of trainingen en het onderhouden van contacten met kennisinstituten, het lager, middelbaar en hoger beroepsonderwijs, de universiteiten en met overige daarvoor in aanmerking komende organisaties, met name in tuinbouwbedrijfsleven en agrarische beroepenvelden; het bevorderen dat toegepast-natuurwetenschappelijk onderzoek en proefnemingen op de doelmatigste wijze dienstbaar worden gemaakt aan de activiteiten die de Stichting, gezien haar doelstelling, uitvoert; het bevorderen van het gebruik van goedgekeurd Nederlands teelt- en plantmateriaal in binnen- en buitenland; het uitoefenen van toezicht op de naleving van de geldende voorschriften om te bevorderen, dat hoogwaardig en gezond plantmateriaal beschikbaar komt; andere middelen, welke tot het bereiken van het doel bevorderlijk kunnen zijn, uitgezonderd het drijven van handel in plantmateriaal. 2. Onder openbaar belang wordt verstaan het onafhankelijk en onpartijdig behartigen van gemeenschappelijke belangen van en voor de Nederlandse tuinbouwsector door uitvoering van één of meerdere specifieke taken waarop iedere marktdeelnemer of exploitant een beroep kan doen, waarin de markt of de samenleving niet op een bevredigende wijze voorziet en waarbij de bestuursleden, de directieleden en de personeelsleden van de Stichting geen enkel persoonlijk voordeel trekken uit het resultaat van de maatregelen die zij op basis van deze taken nemen. 3. De in het vorige lid bedoelde taken van openbaar belang zijn: het uitvoeren van kwaliteitskeuringen op basis van de Zaaizaad- en plantgoedwet 2005, waaronder mede begrepen de daartoe benodigde laboratoriumtoetsingen en diagnostiek; het uitvoeren van fytosanitaire inspecties, waaronder mede begrepen plantenpaspoortinspecties, de voor de inspectie benodigde laboratoriumtoetsingen en diagnostiek; het uitvoeren van certificeringskeuringen als bedoeld in de Zaaizaad- en plantgoedwet 2005 en de daarop steunende regelgeving op verzoek van het geregistreerde bedrijf, waaronder mede begrepen de daarvoor benodigde laboratoriumtoetsingen en diagnostiek; certificeringskeuringen op basis van officiële Naktuinbouw-reglementering, gelet op onder meer de importeisen van derde landen; specifieke fytosanitaire inspecties voor de export van plant- en teeltmateriaal; onafhankelijke bemonstering of beoordeling van plant- en teeltmateriaal in het geval een derde land het voldoen aan de voorwaarden van de International Seed Testing Association (ISTA) als eis stelt; het uitvoeren van onafhankelijk klachtonderzoek voor het geregistreerde bedrijf ter zake van aan derden geleverd plant- of teeltmateriaal van in de keuring of inspectie betrokken gewassen op het gebied van kwaliteit, gezondheid en kwaliteit; het beoordelen en aanwijzen van instandhouders van groenterassen ten behoeve van de registratie daarvan door de Raad voor plantenrassen als bedoeld in artikel 39 van de Zaaizaad- en plantgoedwet 2005; het beoordelen en onderzoeken van monsters op identiteit, gezondheid en kwaliteit met inbegrip van nacontrole, instandhoudingscontrole en klachtbehandelingen; het vullen en onderhouden van een internetdatabase waarin voor biologische productie beschikbare rassen en teeltmateriaal zijn opgenomen; het participeren in organisaties die het verstrekken van rasinformatie of beschrijvingen van rassen of soorten van boomkwekerij- of siergewassen tot doel hebben of tot doel hebben cultuur- en gebruikswaarde-onderzoek te verrichten als bijdrage aan een geordend handelsverkeer met dit materiaal; het opplanten en beoordelen van materiaal op vergelijkingsvelden als georganiseerd door de Europese Commissie; het participeren in methodiekenonderzoek in opdracht van de Raad voor plantenrassen, de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur of het Communautair bureau voor plantenrassen (CPVO); het onderhouden van een isolatencollectie ten behoeve van het resistentieonderzoek van rassen en selecties, de levering van referentie-materiaal daaronder mede begrepen; NAL (Naktuinbouw Authorized Laboratories)-accreditatie van groentezaadbedrijven; het verzorgen van vakopleidingen en trainingen die betrekking hebben op plant- en teeltmateriaal van tuinbouw gewassen, anders dan regulier onderwijs of onderwijs dat elders op de markt wordt aangeboden; het ontwerpen en uitvoeren van erkenningsregelingen voor de Nederlandse tuinbouwsector; het opzetten van ringonderzoeken voor NAL, The International Seed Health Initiative (ISHI) van de International Seed Federation (ISF), ISTA en derden; het uitvoeren van fytosanitaire survey- en monitoringswerkzaamheden in opdracht van de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselveiligheid en Natuur of de Inspecteur-Generaal van de Nederlandse voedsel- en warenautoriteit (NVWA); het verrichten van beoordelingswerkzaamheden voor GSPP (Good Seed and Plant Practices)-certificering en het participeren in internationale organisaties of gremia die van belang zijn voor de keuring, inspectie of onderzoek van plant- en teeltmateriaal met het oog op het kunnen hanteren van de laatste kwaliteitsstandaarden en soepele markttoegang voor het Nederlandse tuinbouwbedrijf in het algemeen. 4. De Stichting onderwerpt zich aan door de Minister van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur uit te oefenen toezicht. Het Bestuur en de directie verplichten zich ten behoeve van het welslagen daarvan alle inlichtingen te verstrekken en alle medewerking te verlenen.

Rechtspraak bij dit artikel