**1.** De maximale kortsluitstroom, bedoeld in artikel 14, eerste lid, van Verordening (EU) 2016/1388 (NC DCC), wordt in de aansluit- en transportovereenkomst vastgelegd.
**2.** In afwijking van artikel 2.6, derde lid, informeert de transmissiesysteembeheerder de aangeslotene die beschikt over een verbruiksinstallatie en overlegt met hem voor zover van toepassing bij eerste aansluiting en bij latere wijzigingen van het systeem omtrent:
de minimum en maximum waarde van de kortsluitstroom, bedoeld in artikel 14, tweede lid, van Verordening (EU) 2016/1388 (NC DCC), tijdens de normale bedrijfstoestand;
de wijze van sterpuntsbehandeling;
de isolatiecoördinatie;
de systeemconfiguratie;
de bedrijfsvoering.
**3.** De aangeslotene die beschikt over een verbruiksinstallatie specificeert de drempelwaarden, bedoeld in artikel 14, derde, vierde, vijfde en zesde lid, van Verordening (EU) 2016/1388 (NC DCC). Deze waarden worden vastgelegd in de aansluit- en transportovereenkomst.
**4.** De transmissiesysteembeheerder specificeert de drempelwaarden, bedoeld in artikel 14, achtste en negende lid, van Verordening (EU) 2016/1388 (NC DCC). Deze waarden worden vastgelegd in de aansluit- en transportovereenkomst.
Hoofdstuk 4 › § 4.1
Artikel 4.3
Artikel 4.3
Onderdeel van Systeemcode elektriciteit 2026· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 21 februari 2026