**1.** Het HVDC-systeem is in staat, wanneer de frequentiegevoelige modus in bedrijf is, de frequentierespons voor het werkzaam vermogen te leveren, bedoeld in artikel 15 en bijlage II onder A, eerste lid, onderdeel a, van Verordening (EU) 2016/1447 (NC HVDC), overeenkomstig de volgende parameters:
de dode band van de frequentierespons is instelbaar tussen 0 en 500 mHz;
de statiek voor opregeling is instelbaar met een minimale waarde van 0,1%;
de statiek voor afregeling is instelbaar met een minimale waarde van 0,1%;
de ongevoeligheid van de frequentierespons is 10 mHz.
**2.** De transmissiesysteembeheerder en de aangeslotene die beschikt over een HVDC-systeem komen de instellingen voor de dode band van de frequentierespons, de statiek voor opregeling en de statiek voor afregeling, bedoeld in artikel 15 en bijlage II onder A, eerste lid, onderdeel a, van Verordening (EU) 2016/1447 (NC HVDC) overeen. De overeengekomen waarden worden vastgelegd in de aansluit- en transportovereenkomst.
**3.** Het HVDC-systeem is in staat om, in reactie op frequentiestapveranderingen wanneer de frequentiegevoelige modus in bedrijf is als bedoeld in artikel 15 en bijlage II onder A, eerste lid, onderdeel d, subonderdeel ii, van Verordening (EU) 2016/1447 (NC HVDC), het werkzaam vermogen aan te passen op een dusdanige manier dat de initiële vertraging maximaal 0,1 s bedraagt, tenzij de aangeslotene die beschikt over het HVDC-systeem met een toereikende verklaring aantoont dat deze tijd niet korter kan. Indien de initiële vertraging langer duurt dan 0,1 s, leggen de transmissiesysteembeheerder en de aangeslotene die beschikt over het HVDC-systeem de instelling vast in de aansluit- en transportovereenkomst.
**4.** Het HVDC-systeem is in staat om, in reactie op frequentiestapveranderingen wanneer de gelimiteerde frequentiegevoelige modus – overfrequentie in bedrijf is als bedoeld in artikel 15 en bijlage II onder B, eerste lid, onderdeel c, van Verordening (EU) 2016/1447 (NC HVDC), het werkzaam vermogen zo snel als technisch mogelijk aan te passen, met een initiële vertraging van maximaal 0,2 s en met de volledige activering binnen 2 s.
**5.** Het HVDC-systeem is in staat om, in reactie op frequentiestapveranderingen wanneer de gelimiteerde frequentiegevoelige modus – overfrequentie in bedrijf is als bedoeld in artikel 15 en bijlage II onder B, tweede lid, van Verordening (EU) 2016/1447 (NC HVDC), het werkzaam vermogen aan te passen, waarbij:
de frequentiedrempelwaarde instelbaar is tussen 50,2 Hz en 50,5 Hz (inclusief);
de instelling van de frequentiedrempelwaarde 50,2 Hz is;
de statiek instelbaar is met een minimale waarde van 0,1%;
de default instelling van de statiek 5% is;
het HVDC-systeem bij het bereiken van het minimumregelniveau op dit niveau in bedrijf blijft.
**6.** Het HVDC-systeem is in staat om, in reactie op frequentiestapveranderingen wanneer de gelimiteerde frequentiegevoelige modus – onderfrequentie in bedrijf is als bedoeld in artikel 15 en bijlage II onder B, eerste lid, onderdeel c, van Verordening (EU) 2016/1447 (NC HVDC), het werkzaam vermogen zo snel als technisch mogelijk aan te passen, met een initiële vertraging van maximaal 0,2 s en met de volledige activering binnen 2 s.
**7.** Het HVDC-systeem is in staat om, in reactie op frequentiestapveranderingen wanneer de gelimiteerde frequentiegevoelige modus – onderfrequentie in bedrijf is als bedoeld in artikel 15, bijlage II onder B, tweede lid, van Verordening (EU) 2016/1447 (NC HVDC), het werkzaam vermogen aan te passen, waarbij:
de frequentiedrempelwaarde instelbaar is tussen 49,5 Hz en 49,8 Hz;
de instelling van de frequentiedrempelwaarde 49,8 Hz is;
de statiek instelbaar is met een minimale waarde van 0,1%;
de default instelling van de statiek 5% is.
Hoofdstuk 6 › § 6.1
Artikel 6.4
Artikel 6.4
Onderdeel van Systeemcode elektriciteit 2026· Contracten, schade en aansprakelijkheid
Deze tekst geldt sinds 21 februari 2026