Naar hoofdinhoud

Hoofdstuk 2

Artikel 7

Melding plan gereed en beëindiging van deelname aan het experiment

Onderdeel van Beleidsregel experiment verlenging en verfijning ruimte in onderwijstijd· Onderwijsrecht

Deze tekst geldt sinds 21 februari 2026

1. Een school van een bevoegd gezag die deelneemt aan de interventiegroep kan pas gebruik maken van de in artikel 3 geboden mogelijkheden, nadat het bevoegd gezag melding heeft gemaakt bij het onderzoeksbureau, genoemd in artikel 8, van het gereed zijn van het plan voor de deelname en na de instemming van de medezeggenschapsraad. Indien het plan op schoolniveau inhoudelijk wordt gewijzigd, is opnieuw instemming van de medezeggenschapsraad nodig. 2. De melding, genoemd in het eerste lid, bevat in ieder geval: de naam en het nummer van het bevoegd gezag; de instellingscode van de school; de gegevens van de contactpersoon die bevoegd is om namens het bevoegd gezag op te treden met betrekking tot deze aanvraag; een experimenteerplan waarin in ieder geval is opgenomen: de gekozen invulling van de geboden ruimte, zoals voortvloeiend uit artikel 2, met daarbij in ieder geval een beschrijving van het doel, de voorgenomen activiteiten en de beoogde opbrengsten van het experiment zoals vormgegeven; de didactische visie en filosofie van het onderwijs, waarbij in ieder geval ook wordt ingegaan op de visie op de organisatie en invulling van de onderwijstijd; de regels voor en planning van de schooltijden, de vakanties en, indien van toepassing, de individuele roosters van leerlingen gedurende de looptijd van het experiment; het beleid betreffende de inzet van personeel tijdens het experiment en de wijze waarop het team bij totstandkoming en de uitvoering van dit beleid betrokken wordt; het toelatingsbeleid, dat voldoet aan artikel 40, eerste lid, van de WPO; en een toelichting per onderwerp bedoeld in de subonderdelen 2° tot en met 5°, hoe de ten aanzien van die onderwerpen gemaakte keuzes samenhangen met de gekozen invulling, bedoeld in subonderdeel 1°. een bewijs van instemming van de medezeggenschapsraad op het plan op schoolniveau. 3. Indien een wijziging plaatsvindt in de gegevens, bedoeld in het tweede lid, dan wel indien een school de deelname aan het experiment beëindigt, meldt het bevoegd gezag dit per ommegaande bij het onderzoeksbureau. Het onderzoeksbureau geeft dit door aan de minister. 4. De wijziging of afmelding, genoemd in het derde lid, bevat: de naam en het nummer van het bevoegd gezag; de instellingscode van de school waarop de afmelding betrekking heeft; bij afmelding: de reden voor afmelding; en bij afmelding: of de datalevering doorgang vindt na de afmelding.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel