**1.** Indien overwegingen van principiële aard een rol spelen, indien zich uitzonderlijke politiek-bestuurlijke afbreukrisico’s voordoen of indien overige bijzondere omstandigheden aanwezig zijn, oefent de in dit besluit gemandateerde functionaris zijn of haar mandaat niet uit. In die gevallen beslist de directeur.
**2.** De uitoefening van het mandaat door de in dit besluit gemandateerde functionarissen geschiedt met inachtneming van algemene en bijzondere aanwijzingen van hiërarchisch hoger geplaatsten.
Hoofdstuk 2
Artikel 7
Eindverantwoordeljkheid directeur en aanwijzingen ondermandaat
Onderdeel van Organisatie- en mandaatbesluit RBL 2025· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 26 februari 2026