**1.** Wanneer bij of krachtens wettelijk voorschrift is bepaald dat een voordeelgerelateerde boete kan worden opgelegd, past DNB deze in de volgende situatie toe:
het met de overtreding verkregen voordeel kan worden vastgesteld of daarvan kan een reële inschatting worden gemaakt, en
toepassing van het boeteregime op basis van een basisbedrag (artikel 6) leidt, gelet op de omvang van dit voordeel, niet tot een passende bestraffing.
Uitgangspunt hierbij is dat het voordeelgerelateerde boeteregime wordt toegepast in plaats van het boeteregime op basis van een basisbedrag, als het verkregen voordeel meer bedraagt dan 50% van het toepasselijke basisbedrag, tenzij het bij wet vastgestelde maximum voor een voordeelgerelateerde boete, gelet op de ernst en/of duur van de overtreding en/of de mate van verwijtbaarheid van de overtreder, ontoereikend blijkt.
**2.** Indien een voordeelgerelateerde boete wordt opgelegd, wordt de boete vastgesteld aan de hand van het stappenplan als bedoeld in artikel 6, met uitzondering van stap 7. Deze stap luidt in dat geval als volgt.
In beginsel verhoogt DNB het na stap 6 berekende boetebedrag met het bedrag van het voordeel dat met de overtreding is verkregen.
In uitzonderlijke situaties kan DNB, in afwijking van het bepaalde onder a, het na stap 6 berekende boetebedrag verder verhogen, indien het onder a bedoelde bedrag niet leidt tot een passende bestraffing.
Bij het bepaalde onder a en b neemt DNB het bij wet vastgestelde maximum voor de voordeelgerelateerde boete in aanmerking.
Hoofdstuk 3
Artikel 8
Hoogte bestuurlijke boete bij een voordeelgerelateerd boeteregime
Onderdeel van Handhavingsbeleid DNB inzake kapitaal- en liquiditeitsvereisten· Bank- en effectenrecht, financiering
Deze tekst geldt sinds 10 maart 2026