**1.** Voor subsidie komen uitsluitend de volgende kosten in aanmerking, voor zover deze noodzakelijk zijn voor het project en aantoonbaar en direct gerelateerd zijn aan de activiteiten, bedoeld in artikel 3:
personeelskosten voor onderzoekers, technici en ander ondersteunend personeel, voor zover het desbetreffende personeel zich met het project bezighoudt;
materiële kosten, inhoudende:
kosten voor grondstoffen, materialen en hulpmiddelen; of
kosten voor huur of gebruik van laboratoria, testfaciliteiten, apparatuur en infrastructuur;
externe kosten, inhoudende:
kosten van inhuur van gespecialiseerde expertise, advisering of ondersteuning die noodzakelijk is voor technologische ontwikkeling of technische validatie;
kosten van externe partijen die bijdragen aan probleemvalidatie of technische of economische haalbaarheidsstudies;
kosten voor het beschermen van intellectueel eigendom, voor zover deze betrekking hebben op de in artikel 3, onderdeel c, bedoelde activiteiten; of
kosten voor de controleverklaring bij het in artikel 7.8, eerste lid, van de kaderregeling bedoelde financiële verslag.
**2.** De kosten, bedoeld in het eerste lid, onderdeel c, subonderdeel 3°, zijn subsidiabel tot een maximum van € 10.000 per project.
**3.** Wanneer de kosten, bedoeld in het eerste lid, niet voor hun volledige levensduur voor het project worden gebruikt, worden alleen de afschrijvingskosten overeenstemmend met de looptijd van het project, berekend volgens algemeen erkende boekhoudkundige beginselen, als subsidiabele kosten beschouwd.
**4.** Niet voor subsidie komen in aanmerking:
kosten die zijn gericht op verkoop, marketing, branding, promotie of marktcommunicatie;
reguliere bedrijfsvoeringskosten, zoals huisvesting, administratie, algemene overhead en managementkosten die niet direct aan de subsidiabele activiteiten zijn toe te rekenen;
kosten die vóór de aanvraag zijn gemaakt of na afronding van de projectactiviteiten worden gemaakt;
investeringen in machines, hardware of kapitaalgoederen die niet hoofdzakelijk voor de activiteiten, bedoeld in artikel 3 worden ingezet;
kosten voor opleidingstrajecten of trainingen of HR-gerelateerde kosten;
kosten voor vergunningen, juridische geschillen of proceskosten.
Artikel 6
Subsidiabele kosten
Onderdeel van Subsidieregeling start-ups Big Chemistry· Cultureel recht
Deze tekst geldt sinds 27 mei 2026