Indien het voorstel van wet tot wijziging van de begrotingsstaten van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (VIII) voor het jaar 2026 (Kamerstukken 36 915 VIII) niet uiterlijk op 30 december 2026 tot wet is verheven, of ingevolge dat voorstel van wet onvoldoende middelen beschikbaar worden gesteld voor de in artikel I bedoelde subsidieplafonds, worden de subsidieplafonds, bedoeld in artikel 14, eerste lid, van de Subsidieregeling praktijkleren voor het studiejaar 2025–2026, in afwijking van artikel I, als volgt vastgesteld:
voor subsidies als bedoeld in artikel 4: € 231.281.000;
voor subsidies als bedoeld in artikel 6: € 19.600.000;
voor subsidies als bedoeld in artikel 8: € 2.000.000; en;
voor subsidies als bedoeld in de artikelen 9a, 9c en 10 in totaal: € 900.000.
Artikel II
Artikel II
Onderdeel van Besluit vaststelling subsidieplafonds ex Subsidieregeling praktijkleren en vaststelling maximale subsidiebedrag per gerealiseerde praktijk- of werkleerplaats studiejaar 2025–2026· Onderwijsrecht
Deze tekst geldt sinds 12 juni 2026