**1.** De minister kan de periode waarvoor de specifieke uitkering, bedoeld in artikel 2, wordt verstrekt, beëindigen indien de prognose of taakstelling voor de opvang of huisvesting van vreemdelingen daartoe aanleiding geeft.
**2.** Bij de beëindiging van het gebruik van de voorziening op basis van het eerste lid wordt een opzegtermijn van maximaal zes maanden in acht genomen, tenzij anders overeengekomen met de gemeente. Gedurende de opzegtermijn wordt de verstrekking van de reeds overeengekomen uitkering voortgezet, tenzij anders overeengekomen met de gemeente.
**3.** De minister kan op aanvraag, in aanvulling op de verstrekking van de specifieke uitkering, bedoeld in artikel 2, een specifieke uitkering verstrekken ter bekostiging van de frictiekosten.
Artikel 7
Beëindiging van het gebruik van de voorziening
Onderdeel van Regeling tijdelijke bekostiging opvang en huisvesting gemeenten· Staats- en bestuursrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juli 2026