De vroegtijdige waarschuwing, bedoeld in artikel 26, eerste lid, van de wet, omvat naast de gegevens, genoemd in artikel 26, tweede lid, van de wet, tevens de volgende gegevens:
het vermoedelijke tijdstip van de aanvang van het significante incident;
zo mogelijk, een beschrijving van de aard en op dat moment merkbare gevolgen van het incident;
zo mogelijk, een prognose van de hersteltijd; en
zo mogelijk, de door de essentiële entiteit of belangrijke entiteit voorgenomen of genomen maatregelen om de gevolgen van het significante incident te beperken of herhaling hiervan te voorkomen.
Hoofdstuk 6
Artikel 24
(gegevens waar een vroegtijdige waarschuwing uit moet bestaan)
Onderdeel van Cyberbeveiligingsbesluit· Informatierecht
Deze tekst geldt sinds 15 augustus 2026