**1.** De CSIRT’s, bedoeld in artikel 2, eerste en tweede lid, voldoen aan de volgende eisen:
de CSIRT’s garanderen een hoge mate van beschikbaarheid van hun communicatiekanalen door zwakke punten te voorkomen, beschikken over middelen waarlangs te allen tijde contact met hen en met anderen kan worden opgenomen, specificeren hun communicatiekanalen duidelijk en delen deze mee aan de entiteiten, instanties en partijen, bedoeld in artikel 16, tweede lid, onderdeel b, van de wet, en de andere instanties waarmee zij samenwerken;
de lokalen en werkruimten van de CSIRT’s en de ondersteunende informatiesystemen bevinden zich op beveiligde locaties;
de CSIRT’s zijn, met het oog op doeltreffende en efficiënte overdrachten, uitgerust met een adequaat systeem voor het beheren en routeren van verzoeken;
de CSIRT’s waarborgen de vertrouwelijkheid en betrouwbaarheid van hun activiteiten;
de CSIRT’s beschikken over voldoende personeel om te allen tijde de beschikbaarheid van hun diensten te garanderen en zorgen ervoor dat hun personeel naar behoren wordt opgeleid; en
de CSIRT’s zijn uitgerust met redundante systemen en reservewerkruimten om de continuïteit van hun diensten te waarborgen.
**2.** Bij regeling van Onze Minister, in overeenstemming met Onze Ministers die het aangaan, kunnen nadere regels worden gesteld over de functionele, technische en organisatorische vereisten ten aanzien van de in artikel 2, eerste en tweede lid, bedoelde CSIRT’s.
**3.** Bij regeling van Onze Minister die het aangaat, na overleg met Onze Minister, kunnen daarnaast nadere regels worden gesteld over de functionele, financiële, technische en organisatorische vereisten ten aanzien van een organisatie die op grond van artikel 2, tweede lid, is aangewezen als CSIRT.
Hoofdstuk 2
Artikel 3
(eisen aan CSIRT’s)
Onderdeel van Cyberbeveiligingsbesluit· Informatierecht
Deze tekst geldt sinds 15 augustus 2026