De Verdragsluitende Staten zullen een rechtmatig op hun grondgebied verblijvende vluchteling zo gunstig mogelijk behandelen en in elk geval niet minder gunstig dan vreemdelingen in het algemeen onder dezelfde omstandigheden, wat betreft het recht om voor eigen rekening in landbouw, industrie, ambacht en handel werkzaam te zijn en commerciële of industriële vennootschappen op te richten.
HOOFDSTUK III
Artikel 18
Zelfstandige beroepen
Onderdeel van Verdrag betreffende de status van vluchtelingen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 1956