De Verdragsluitende Staten zullen de buitengewone maatregelen welke kunnen worden, genomen tegen de persoon, de goederen of de belangen van onderdanen van een vreemde Staat, niet enkel op grond van de nationaliteit toepassen op een vluchteling die formeel een onderdaan is van die Staat. De Verdragsluitende Staten die krachtens hun wetgeving niet het in dit artikel neergelegde algemene beginsel kunnen toepassen, zullen in de daarvoor in aanmerking komende gevallen vrijstelling ten gunste van zodanige vluchtelingen verlenen.
HOOFDSTUK I
Artikel 8
Vrijstelling van buitengewone maatregelen
Onderdeel van Verdrag betreffende de status van vluchtelingen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 1 augustus 1956