Elke Verdragsluitende Staat zal aan de rechtmatig op zijn grondgebied vertoevende staatlozen het recht verlenen er hun verblijf te kiezen en zich vrij op dat grondgebied te bewegen, onverminderd de voorschriften welke op vreemdelingen in het algemeen van toepassing zijn onder dezelfde omstandigheden.
HOOFDSTUK V
Artikel 26
Bewegingsvrijheid
Onderdeel van Verdrag betreffende de status van staatlozen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 11 juli 1962