**1.** Bij de ondertekening, bekrachtiging of toetreding mag elke Staat voorbehouden ten aanzien van artikelen van dit Verdrag maken, met uitzondering van de artikelen 1, 3, 4, 16 (1) en 33 tot en met 42.
**2.** Elke Verdragsluitende Staat die overeenkomstig lid 1 van dit artikel een voorbehoud maakt, kan het voorbehoud te allen tijde intrekken door middel van een daartoe strekkende mededeling aan de Secretaris-Generaal van de Verenigde Naties.
HOOFDSTUK VI
Artikel 38
Voorbehouden
Onderdeel van Verdrag betreffende de status van staatlozen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 11 juli 1962