Geen der bepalingen in dit Verdrag vormt een belemmering voor een Verdragsluitende Staat om, in tijd van oorlog of andere ernstige en buitengewone omstandigheden, ten aanzien van een bepaald persoon de voorlopige maatregelen te nemen, welke deze Staat noodzakelijk acht voor zijn nationale veiligheid, in afwachting van de vaststelling door de Verdragsluitende Staat, dat die persoon werkelijk een staatloze is en dat de handhaving van die maatregelen te zijnen aanzien noodzakelijk is in het belang van de nationale veiligheid.
HOOFDSTUK I
Artikel 9
Voorlopige maatregelen
Onderdeel van Verdrag betreffende de status van staatlozen· Internationaal publiekrecht
Deze tekst geldt sinds 11 juli 1962