Naar hoofdinhoud

Artikel 12

Artikel 12

Onderdeel van Universele Verklaring van de Rechten van de Mens· Internationaal publiekrecht

Niemand zal onderworpen worden aan willekeurige inmenging in zijn persoonlijke aangelegenheden, in zijn gezin, zijn tehuis of zijn briefwisseling, noch aan enige aantasting van zijn eer of goede naam. Tegen een dergelijke inmenging of aantasting heeft een ieder recht op bescherming door de wet.

Rechtspraak bij dit artikel