Naar hoofdinhoud

HOOFDSTUK III

Artikel 11

Artikel 11

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Suriname betreffende de wederzijdse erkenning en de tenuitvoerlegging van rechterlijke beslissingen en authentieke akten in burgerlijke zaken· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht

Deze tekst geldt sinds 10 januari 1979

1. De partij die in het land van herkomst toestemming had verkregen om kosteloos of tegen verminderd tarief te procederen, behoudt, onder de door het recht van het aangezochte land gestelde voorwaarden, dit recht in elke procedure ter verkrijging in dat land van de erkenning of de tenuitvoerlegging van de beslissing, mits zij een document overlegt waaruit die toestemming blijkt. 2. De partij, die in het aangezochte land de tenuitvoerlegging vraagt van een in het land van herkomst gegeven beslissing, kan geen enkele zekerheid, onder welke benaming ook, worden opgelegd wegens de hoedanigheid van vreemdeling dan wel wegens het ontbreken van een woon- of verblijfplaats in het eerstgenoemde land.

Rechtspraak bij dit artikel