Naar hoofdinhoud

Artikel 13

Verderlevering aan een derde staat

Onderdeel van Verdrag inzake uitlevering tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Australië· Strafrecht

Deze tekst geldt sinds 1 februari 1988

1. Wanneer een persoon door de aangezochte Staat is overgeleverd aan de verzoekende Staat, levert laatstgenoemde Staat die persoon niet verder aan een derde Staat voor een strafbaar feit begaan vóór zijn overlevering, tenzij: de aangezochte Staat met deze uitlevering instemt; of de persoon de gelegenheid had de verzoekende Staat te verlaten en zulks niet heeft gedaan binnen vijfenveertig dagen na zijn invrijheidstelling ter zake van het strafbare feit waarvoor die persoon was overgeleverd door de aangezochte Staat of is teruggekeerd naar het grondgebied van de verzoekende Staat nadat hij dit had verlaten. 2. Alvorens in te stemmen met een verzoek ingevolge het eerste lid, letter (a), van dit artikel kan de aangezochte Staat verzoeken om overlegging van de in artikel 5 vermelde stukken.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel