**1.** De aangezochte Staat handhaaft, in zoverre daarom wordt verzocht, het vertrouwelijk karakter van een verzoek om rechtshulp, de inhoud van een verzoek en begeleidende bescheiden, en het feit dat dergelijke rechtshulp wordt verleend. Indien het verzoek niet ten uitvoer kan worden gelegd zonder het vertrouwelijk karakter aan te tasten, deelt de aangezochte Staat zulks mede aan de verzoekende Staat, die vervolgens bepaalt in hoeverre hij het verzoek wenst te doen uitvoeren.
**2.** De verzoekende Staat handhaaft, indien zulks is gevraagd, het vertrouwelijk karakter van bewijs en inlichtingen door de aangezochte Staat verstrekt, behalve in zoverre het bewijs en de inlichtingen nodig zijn voor het onderzoek en de vervolging die in het verzoek zijn beschreven.
**3.** De verzoekende Staat mag het verkregen bewijs of de daaruit afgeleide inlichtingen niet gebruiken voor andere doeleinden dan vermeld in het verzoek zonder de voorafgaande toestemming van de aangezochte Staat.
Artikel 8
Bescherming van het vertrouwelijk karakter van de gegevens en beperking van het gebruik van het bewijsmateriaal en de inlichtingen
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en Australië inzake wederzijdse rechtshulp in strafzaken· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juni 1991