Naar hoofdinhoud

DEEL II

Artikel 9

Goedkeuring voor de aanleg van interfield-pijpleidingen

Onderdeel van Overeenkomst tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Verenigd Koninkrijk van Groot-Brittannië en Noord-Ierland inzake de exploitatie van de voorkomens in het Markham-veld en de afname van bitumina daaruit· Agrarisch recht

Deze tekst geldt sinds 3 maart 1993

1. Elke Regering verleent, na overleg met de andere Regering en met inachtneming van haar wetgeving en deze Overeenkomst, de nodige vergunning en geeft de nodige toestemming voor de aanleg en het gebruik van een interfield-pijpleiding of een gedeelte daarvan. 2. Een afschrift van bedoelde vergunning of toestemming van een Regering wordt ter beschikking van de andere Regering gesteld. 3. Een dergelijke vergunning of toestemming kan niet door de ene Regering worden veranderd, gewijzigd of ingetrokken zonder de voorafgaande instemming van de andere Regering. 4. Ingeval een dergelijke vergunning of toestemming vervalt dan wel wordt teruggegeven of ingetrokken, streeft de Regering die de vergunning of toestemming heeft verleend, ernaar te waarborgen dat de exploitatie van de voorkomens in het Markham-veld wordt voortgezet in overeenstemming met de bepalingen van deze Overeenkomst. De betrokken Regering stelt met name alles in het werk om een nieuwe vergunning of toestemming te verlenen ter vervanging van die welke is beëindigd, zulks zonder tussenpoos tussen de geldigheidsduur van de oude vergunning of toestemming en die van de nieuwe, of zij treft andere door beide Regeringen overeen te komen maatregelen ter voortzetting van de exploitatie van de voorkomens in het Markham-veld.

Rechtspraak bij dit artikel