Naar hoofdinhoud

Artikel II

Artikel II

Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Overgangsregering van Ethiopië inzake technische samenwerking· Internationaal publiekrecht

Deze tekst geldt sinds 8 februari 1995

In verband met projecten die zijn goedgekeurd in het kader van dit Verdrag verbindt de Regering van Ethiopië zich ertoe: de Nederlandse personeelsleden vrij te stellen van inkomstenbelasting en andere fiscale heffingen ten aanzien van de door de Nederlandse Regering aan hen betaalde salarissen en vergoedingen; het Nederlandse personeel vrij te stellen van de betaling van douane- of invoerrechten en andere fiscale heffingen op de invoer van nieuwe of gebruikte huishoudelijke artikelen en persoonlijke bezittingen die in Ethiopië worden ingevoerd binnen zes maanden na de aankomst van het personeel - behalve in bijzondere omstandigheden waarin deze termijn kan worden verlengd; de Nederlandse personeelsleden gedurende de periode van hun aanstelling vrij te stellen van invoerrechten en andere fiscale heffingen op de invoer van beroepsuitrusting die zal worden gebruikt voor projecten inzake technische samenwerking en in Ethiopië wordt ingevoerd; het Nederlandse personeel vrij te stellen van douanerechten over de aankoop uit entrepot van een motorvoertuig binnen zes maanden na de eerste aankomst in Ethiopië, behalve in bijzondere omstandigheden waarin deze termijn kan worden verlengd of hernieuwd. Ingeval een motorvoertuig total loss is of verloren is gegaan, worden de voorrechten betreffende vrijstelling per geval nog een keer verleend; de Nederlandse personeelsleden te vrijwaren van rechtsvervolging op grond van in hun officiële hoedanigheid in verband met hun werk gesproken of geschreven uitingen of verrichte handelingen; de Nederlandse personeelsleden en hun gezinsleden vrij te stellen van nationale dienstplicht; de Nederlandse personeelsleden en hun gezinnen de nodige repatriëringsfaciliteiten te bieden in tijden van nationale of internationale conflicten, zoals redelijk kan worden geacht gezien de omstandigheden; regelingen te treffen voor de kosteloze verstrekking van in en uitreisvisa aan het Nederlandse personeel en hun gezinnen, indien mogelijk voor zijn of haar vertrek uit Nederland; door de Nederlandse Regering verschafte uitrusting, voertuigen en andere materialen vrij te stellen van in- en uitvoerrechten en overige heffingen; de door de Nederlandse Regering naar Ethiopië uitgezonden deskundigen te registreren, mits alle door de Regering van Ethiopië vereiste gegevens zijn ingediend en zijn getoetst door de bevoegde autoriteiten, en de betrokken deskundige op grond van deze documentatie door de Regering van Ethiopië is aanvaard; de Nederlandse personeelsleden identiteitspapieren te verschaffen, zodat zij bij de uitoefening van hun werkzaamheden verzekerd zijn van de volledige steun van de desbetreffende autoriteiten in Ethiopië; behoudens de regelingen van Ethiopië voor het wisselen van buitenlands geld, de Nederlandse personeelsleden en hun families toe te staan in Ethiopië rekeningen voor niet-ingezetenen te openen in inwisselbare Birr, voor persoonlijk gebruik, voor geld dat uit het buitenland Ethiopië binnenkomt. De saldi van die rekeningen kunnen vrijelijk worden overgemaakt, mits op die rekeningen uitsluitend uit het buitenland afkomstig geld wordt gestort. Indien goederen waarvoor bij de invoer krachtens dit Verdrag belastingvoorrechten zijn verleend, bij het vertrek uit Ethiopië niet worden wederuitgevoerd, dienen daarover douanerechten, belastingen en overige heffingen te worden betaald, indien zij ter plaatse worden overgedragen aan personen die niet soortgelijke voorrechten genieten. Goederen die weer worden uitgevoerd, worden vrijgesteld van uitvoerrechten en overige fiscale heffingen.

Rechtspraak bij dit artikel