Naar hoofdinhoud
1. Elke Bevoegde Autoriteit verbindt zich ertoe, in overeenstemming met het bepaalde in dit Verdrag, de Bevoegde Autoriteit van de andere Verdragsluitende Partij zoveel mogelijk administratieve bijstand te verlenen bij het inwinnen en uitwisselen van informatie met betrekking tot de toepassing van en de controle op de wetten en voorschriften inzake termijncontracten en opties van de andere Verdragsluitende Partij. 2. De ingevolge dit Verdrag te verlenen bijstand omvat, doch is niet beperkt tot: het inwinnen en verstrekken van informatie en documenten door de Bevoegd Autoriteit van de Aangezochte Staat; het afnemen van verklaringen van personen door de Bevoegde Autoriteit van de Aangezochte Staat; en het inspecteren of onderzoeken door de Bevoegde Autoriteit van de Aangezochte Staat of de ondernemingen die werkzaam zijn op het gebied van de termijnhandel zich houden aan de voorschriften. 3. In het bijzonder verleent elke Bevoegde Autoriteit de andere Bevoegde Autoriteit bijstand bij het inwinnen en uitwisselen van informatie die verband houdt met de wetten en voorschriften van de Verzoekende Bevoegde Autoriteit betreffende: de verlening van vergunningen, ontheffingen of vrijstellingen ten behoeve van de termijnhandel; de naleving van de wetten en voorschriften die op de termijnhandel van toepassing zijn; de naleving van de wetten en voorschriften die op termijnbeurzen van toepassing zijn; de naleving van de voorschriften van termijnbeurzen door hun leden; en de voorkoming en ontdekking van fraude met termijncontracten en opties en andere onregelmatigheden, verband houdende met het aanbieden, kopen of verkopen van termijncontracten of opties.

Rechtspraak bij dit artikel