Elke Verdragsluitende Partij werkt, voor zover mogelijk en passend, samen met andere Verdragsluitende Partijen, hetzij rechtstreeks, hetzij, waar passend, via bevoegde internationale organisaties, ten aanzien van gebieden die onder geen enkele nationale rechtsmacht vallen en met betrekking tot andere aangelegenheden van wederzijds belang, ten behoeve van het behoud en het duurzame gebruik van de biologische diversiteit.
Artikel 5
Samenwerking
Onderdeel van Verdrag inzake biologische diversiteit· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 10 oktober 1994