Naar hoofdinhoud

DEEL V

Artikel 31

Aanneming en wijziging van bijlagen

Onderdeel van Verdrag van de Verenigde Naties ter bestrijding van woestijnvorming in de landen die te kampen hebben met ernstige droogte en/of woestijnvorming, in het bijzonder in Afrika· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht

Deze tekst geldt sinds 26 december 1996

1. Elke bijkomende bijlage bij het Verdrag en elke wijziging van een bijlage dient te worden voorgesteld en aangenomen in overeenstemming met de in artikel 30 vervatte procedure voor wijziging van het Verdrag, met dien verstande dat bij aanneming van een bijkomende bijlage inzake regionale uitvoering of een wijziging van een bijlage inzake regionale uitvoering, de in dat artikel genoemde meerderheid een meerderheid van tweederde dient te omvatten van de aanwezige Partijen uit de betrokken regio die hun stem uitbrengen. De aanneming of wijziging van een bijlage wordt door de Depositaris aan alle Partijen medegedeeld. 2. Een bijlage, niet zijnde een bijkomende bijlage inzake regionale uitvoering, of een wijziging van een bijlage, niet zijnde een wijziging van een bijlage inzake regionale uitvoering, die is aangenomen in overeenstemming met het eerste lid, treedt voor alle Partijen bij het Verdrag in werking dan wel wordt voor hen van kracht zes maanden na de datum waarop de Depositaris die de Partijen heeft medegedeeld dat die bijlage of wijziging is aangenomen, behalve voor de Partijen die de Depositaris binnen die termijn er schriftelijk van in kennis hebben gesteld dat zij de bijlage of de wijziging niet hebben aanvaard. Voor de Partijen die hun kennisgeving van niet-aanvaarding intrekken, treedt de bijlage in werking of wordt de wijziging van kracht op de negentigste dag na de datum waarop de intrekking van de kennisgeving door de Depositaris is ontvangen. 3. Een bijkomende bijlage inzake regionale uitvoering of een wijziging op een bijlage inzake regionale uitvoering die is aangenomen in overeenstemming met het eerste lid, treedt voor alle Partijen bij het Verdrag in werking dan wel wordt voor hen van kracht zes maanden na de datum waarop de Depositaris de aanneming van de bijlage of wijziging aan die Partijen heeft medegedeeld, behalve ten aanzien van: een Partij die de Depositaris binnen die termijn van zes maanden er schriftelijk van in kennis heeft gesteld dat zij die bijkomende bijlage inzake regionale uitvoering of de wijziging van die bijkomende bijlage inzake regionale uitvoering niet heeft aanvaard, in welk geval de bijlage of wijziging voor de Partijen die hun kennisgeving van niet-aanvaarding intrekken in werking treedt dan wel van kracht wordt op de negentigste dag na de datum waarop de intrekking van de kennisgeving door de Depositaris is ontvangen; en een Partij die een verklaring heeft afgelegd met betrekking tot bijkomende bijlagen inzake regionale uitvoering of wijzigingen op bijkomende bijlagen inzake regionale uitvoering in overeenstemming met artikel 34, vierde lid, in welk geval de bijlage of wijziging voor die Partij in werking treedt dan wel van kracht wordt op de negentigste dag na de datum van nederlegging bij de Depositaris van haar akte van bekrachtiging, aanvaarding, goedkeuring of toetreding met betrekking tot de bijlage of wijziging. 4. Indien de aanneming van een bijlage of een wijziging op een bijlage een wijziging op het Verdrag inhoudt, treedt de bijlage niet in werking dan wel wordt de wijziging op een bijlage niet van kracht voordat de wijziging op het Verdrag van kracht wordt.

Verwijzingen

Rechtspraak bij dit artikel