Naast hun algemene verplichtingen ingevolge artikel 4, verplichten de Partijen die ontwikkelde landen zijn zich ertoe:
afzonderlijk of gezamenlijk actief steun te bieden, zoals overeengekomen, aan de inspanningen van de Partijen die getroffen ontwikkelingslanden zijn, in het bijzonder die in Afrika, en de minstontwikkelde landen, gericht op het bestrijden van woestijnvorming en het inperken van de gevolgen van droogte;
aanzienlijke financiële middelen te verstrekken en andere vormen van steun te bieden om de Partijen die getroffen ontwikkelingslanden zijn, in het bijzonder die in Afrika, doeltreffend te helpen om hun eigen plannen en strategieën voor de lange termijn te ontwikkelen en uit te voeren, gericht op het bestrijden van woestijnvorming en het inperken van de gevolgen van droogte;
het beschikbaar (doen) stellen van nieuwe en aanvullende financiering overeenkomstig artikel 20, tweede lid, letter b, te bevorderen;
het beschikbaar (doen) stellen van financiering uit de particuliere sector en andere niet-gouvernementele bronnen aan te moedigen; en
de toegang van de Partijen die getroffen landen zijn, met name de Partijen die getroffen ontwikkelingslanden zijn, tot geschikte technologie, kennis en know-how te bevorderen en te vergemakkelijken.
DEEL II
Artikel 6
Verplichtingen van de Partijen die ontwikkelde landen zijn
Onderdeel van Verdrag van de Verenigde Naties ter bestrijding van woestijnvorming in de landen die te kampen hebben met ernstige droogte en/of woestijnvorming, in het bijzonder in Afrika· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht
Deze tekst geldt sinds 26 december 1996