**1.** De Partijen stimuleren de coördinatie van activiteiten die worden verricht uit hoofde van dit Verdrag en, indien zij daarbij Partij zijn, uit hoofde van andere relevante internationale overeenkomsten, met name het Raamverdrag van de Verenigde Naties inzake klimaatverandering en het Verdrag inzake biologische diversiteit, teneinde zoveel mogelijk profijt te trekken van de activiteiten uit hoofde van elke overeenkomst en het verrichten van dubbel werk te vermijden. De Partijen stimuleren de uitvoering van gezamenlijke programma's, met name op het gebied van onderzoek, opleiding, systematische waarneming en het vergaren en uitwisselen van informatie, voor zover deze activiteiten bijdragen tot de verwezenlijking van de doelstellingen van de desbetreffende overeenkomsten.
**2.** De bepalingen van dit Verdrag laten onverlet de rechten en verplichtingen van een Partij op grond van een bilaterale, regionale of internationale overeenkomst die zij is aangegaan voordat dit Verdrag voor haar in werking treedt.
DEEL II
Artikel 8
Verhouding tot andere verdragen
Onderdeel van Verdrag van de Verenigde Naties ter bestrijding van woestijnvorming in de landen die te kampen hebben met ernstige droogte en/of woestijnvorming, in het bijzonder in Afrika· Internationaal privaatrecht Inclusief internationaal procesrecht
Deze tekst geldt sinds 26 december 1996