Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:
“investeringen": alle soorten vermogensbestanddelen en in het bijzonder, doch niet uitsluitend:
roerende en onroerende zaken, alsmede alle andere zakelijke rechten met betrekking tot alle soorten vermogensbestanddelen;
rechten ontleend aan aandelen, obligaties en andere soorten belangen in ondernemingen en gezamenlijke ondernemingen;
recht op geld, op andere vermogensbestanddelen of op elke prestatie die economische waarde heeft;
rechten op het gebied van de intellectuele eigendom, rechten betreffende technische werkwijzen, goodwill en know-how;
rechten verleend krachtens het publiekrecht, met inbegrip van rechten tot het opsporen, exploreren, ontginnen en winnen van natuurlijke rijkdommen.
“onderdanen" met betrekking tot elk van beide Verdragsluitende Partijen:
natuurlijke personen die de nationaliteit van die Verdragsluitende Partij hebben in overeenstemming met haar recht;
onverminderd het bepaalde in iii hieronder, rechtspersonen die zijn opgericht overeenkomstig het recht van die Verdragsluitende Partij;
rechtspersonen, waar ook gevestigd, die, al dan niet rechtstreeks, onder toezicht staan van onderdanen van die Verdragsluitende Partij.
“grondgebied": de zeegebieden grenzend aan de kust van de betrokken Staat, voor zover die Staat overeenkomstig het internationale recht soevereine rechten of rechtsmacht in deze gebieden uitoefent.
Artikel 1
Artikel 1
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Volksrepubliek Bangladesh inzake bevordering en wederzijdse bescherming van investeringen· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 1 juni 1996