**1.** Bijstand uit hoofde van dit Verdrag wordt rechtstreeks tussen de douane-administraties verleend.
**2.** Verzoeken om bijstand uit hoofde van dit Verdrag worden schriftelijk gedaan en gaan vergezeld van alle nuttig geachte documenten. Wanneer de omstandigheden zulks vereisen, kunnen ook mondeling verzoeken worden gedaan. Dergelijke verzoeken worden onmiddellijk schriftelijk bevestigd.
**3.** Verzoeken ingevolge het tweede lid van dit artikel bevatten de volgende bijzonderheden:
de administratie die het verzoek doet;
het onderwerp van en de reden voor het verzoek;
een korte beschrijving van de zaak, de juridische aspecten en de aard van de acties;
de namen en adressen van de bij de acties betrokken personen, voorzover bekend;
een verwijzing naar de desbetreffende artikelen van dit Verdrag.
**4.** Een verzoek van één van de Verdragsluitende Partijen om een bepaalde procedure te volgen wordt ingewilligd, met inachtneming van de nationale wettelijke en administratieve bepalingen van de aangezochte Verdragsluitende Partij.
**5.** De in dit Verdrag bedoelde informatie en inlichtingen worden medegedeeld aan ambtenaren die door elke douane-administratie hiertoe speciaal zijn aangewezen. Een lijst van aldus aangewezen ambtenaren wordt aan de douane-administratie van de andere Verdragsluitende Partij verstrekt in overeenstemming met artikel 17, tweede lid, van dit Verdrag.
HOOFDSTUK VII
Artikel 10
Artikel 10
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Republiek Estland inzake wederzijdse administratieve bijstand ten behoeve van de juiste toepassing van de douanewetgeving en de voorkoming, opsporing en bestrijding van inbreuken op de douanewetgeving· Belastingrecht
Deze tekst geldt sinds 1 juni 1996