Naar hoofdinhoud

Artikel IV

Verplichtingen van de leden

Onderdeel van Statuut van de Ontwikkelingsbank van de Raad van Europa· Arbeidsrecht en sociaal-zekerheidsrecht

Deze tekst geldt sinds 18 maart 1997

De Bank geeft deelnemingsbewijzen, uitgedrukt in ECU's1)Op 1 januari 1999 is de ECU vervangen door de euro. De verwijzing naar de ECU moet worden begrepen als een verwijzing naar de euro., uit waarop zijn leden kunnen intekenen. Elk bewijs heeft dezelfde nominale waarde van 1000 ECU. De leden voldoen hun intekeningen in ECU's. a. In de aan dit Statuut gehechte tabel is het verdelingspercentage vastgesteld van de deelnemingsbewijzen die aan elk lid van de Bank ter intekening worden aangeboden. b. Het aantal deelnemingsbewijzen van nieuwe leden van de Bank wordt vastgesteld in overeenstemming met de Raad van Bestuur van de Bank, overeenkomstig artikel IX, sectie 3, onder 1, letters a en b, van dit Statuut. c. Het minimumpercentage van de deelnemingsbewijzen waarop is ingetekend dat moet worden volgestort, alsmede de desbetreffende betaaldata, worden vastgesteld door de Raad van Bestuur. d. Wanneer het kapitaal van de Bank wordt verhoogd, bepaalt de Raad van Bestuur, onder voor alle leden gelijke voorwaarden, het percentage dat moet worden bijgestort en de bijbehorende betaaldata. Een lid is jegens derden niet aansprakelijk voor enige verplichting van de Bank.

Rechtspraak bij dit artikel