Elke Verdragsluitende Partij neemt passende maatregelen om zeker te stellen dat in alle bedrijfstoestanden de blootstelling van werknemers en het publiek aan ioniserende straling van een kerninstallatie zo gering blijft als redelijkerwijs mogelijk is en dat niemand wordt blootgesteld aan stralingsdoses die hoger liggen dan de geldende nationale dosislimieten.
HOOFDSTUK 2 › Algemene veiligheidsoverwegingen c
Artikel 15
Stralenbescherming
Onderdeel van Verdrag inzake nucleaire veiligheid· Ondernemingspraktijk
Deze tekst geldt sinds 13 januari 1997