**1.** Met inachtneming van artikel 3, eerste lid, van dit Verdrag bepaalt de aangezochte Verdragsluitende Partij, alvorens bijstand te weigeren, of bijstand kan worden verleend onder door haar noodzakelijk geachte voorwaarden. De verzoekende Verdragsluitende Partij dient aan de door de aangezochte Verdragsluitende Partij gestelde voorwaarden te voldoen.
**2.** De aangezochte Verdragsluitende Partij kan, indien inwilliging van het verzoek een lopend onderzoek of lopende procedure onder haar rechtsmacht zou beïnvloeden, het verzoek onder bepaalde voorwaarden inwilligen, dan wel de inwilliging van het verzoek of een deel daarvan uitstellen.
**3.** Indien een verzoek om bijstand niet kan worden ingewilligd, wordt de verzoekende Verdragsluitende Partij daarvan onverwijld in kennis gesteld en wordt haar tevens mededeling gedaan van de redenen voor het weigeren van bijstandsverlening dan wel voor het uitstel van inwilliging van het verzoek of een deel daarvan.
Artikel 4
Artikel 4
Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van het Koninkrijk der Nederlanden en de Regering van de Staat Israël inzake wederzijdse administratieve bijstand in douanezaken· Strafrecht
Deze tekst geldt sinds 1 mei 1997