**1.** De krachtens de bepalingen van dit Verdrag verleende voorrechten en immuniteiten worden verleend in het belang van de OVCW en niet tot persoonlijk voordeel van de betrokken1)Lees: betrokkene. zelf. Het is de plicht van de OVCW en alle personen die dergelijke voorrechten en immuniteiten genieten in alle overige opzichten de wetten en regelingen van het Koninkrijk der Nederlanden in acht te nemen.
**2.** Dit Verdrag is van toepassing ongeacht het bestaan van diplomatieke betrekkingen van de Regering met de betrokken Staat en ongeacht de verlening door de betrokken Staat van vergelijkbare voorrechten en immuniteiten aan de diplomatieke afgezanten of staatsburgers van het Koninkrijk der Nederlanden.
**3.** De krachtens de bepalingen van dit Verdrag aan functionarissen van de OVCW en deskundigen verleende voorrechten en immuniteiten worden verleend met dien verstande dat de OVCW afstand doet van de immuniteit van de betrokken personen in omstandigheden waarin de OVCW van mening is dat deze immuniteit de rechtsgang zou belemmeren, en in alle gevallen waarin daarvan afstand kan worden gedaan zonder afbreuk te doen aan het doel waarvoor deze immuniteit werd verleend.
**4.** De OVCW werkt te allen tijde samen met de daarvoor in aanmerking komende autoriteiten van het Koninkrijk der Nederlanden teneinde de goede rechtsbedeling te vergemakkelijken en misbruik van de krachtens de bepalingen van dit Verdrag verleende voorrechten en immuniteiten door functionarissen van de OVCW te voorkomen.
**5.** Indien de Regering van mening is dat sprake is van misbruik van krachtens dit Verdrag verleende voorrechten of immuniteiten door een functionaris van de OVCW of een deskundige, pleegt de Directeur-Generaal desgevraagd met de desbetreffende Nederlandse autoriteiten overleg om vast te stellen of van genoemd misbruik sprake is. Wanneer dit overleg naar de mening van de Directeur-Generaal en de Regering niet tot een bevredigend resultaat leidt, wordt over de kwestie beslist overeenkomstig de in artikel 26, tweede lid, van dit Verdrag genoemde procedure.
**6.** De Directeur-Generaal heeft het recht en de plicht afstand van de immuniteit van een functionaris van de OVCW te doen in gevallen waarin de immuniteit de rechtsgang zou belemmeren en deze afstand mogelijk is zonder nadelige invloed op de belangen van de OVCW. Met betrekking tot de Directeur-Generaal heeft de OVCW dezelfde rechten en plichten, die door de Uitvoerende Raad worden uitgeoefend dan wel vervuld.
Artikel 24
Aanvullende bepalingen met betrekking tot voorrechten en immuniteiten
Onderdeel van Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en de Organisatie voor het Verbod van Chemische Wapens (OVCW) betreffende de zetel van de OVCW· Arbitrage
Deze tekst geldt sinds 7 juni 1997