**1.** Elke Deelnemende Staat vergemakkelijkt, rekening houdend met zijn wetten en voorschriften, de binnenkomst in en het vertrek uit zijn grondgebied van personen en goederen die nodig zijn ter uitvoering van dit Verdrag.
**2.** Elke Deelnemende Staat vergemakkelijkt, rekening houdend met zijn wetten en voorschriften, de afgifte van de vereiste inreis- en verblijfsdocumenten aan onderdanen en hun gezinsleden van een andere Deelnemende Staat die zijn grondgebied binnenkomen of daaruit vertrekken, dan wel daarop verblijven om taken te verrichten die nodig zijn ter uitvoering van dit Verdrag.
**3.** Elke Deelnemende Staat geeft toestemming voor de belastingvrije invoer en uitvoer naar en van zijn grondgebied van goederen en programmatuur die nodig zijn ter uitvoering van dit Verdrag en draagt zorg voor de vrijstelling hiervan van andere door de douane-autoriteiten geïnde rechten en heffingen. Het in dit lid bepaalde wordt uitgevoerd ongeacht het land van oorsprong van deze noodzakelijke goederen en programmatuur.
Inwerkingtreding voorheen door Trb. 2002/29 gesteld op 27 maart 2001.
Inwerkingtreding voorheen door Trb. 2002/29 gesteld op 27 maart 2001.
Artikel 18
Douane en in- en uitreis
Onderdeel van Verdrag tussen de Regering van Canada, de Regeringen van de Lidstaten van het Europees Ruimte-Agentschap, de Regering van Japan, de Regering van de Russische Federatie en de Regering van de Verenigde Staten van Amerika inzake samenwerking op het gebied van het civiele internationale ruimtestation· Financieel en economisch recht
Deze tekst geldt sinds 28 juni 2005